Les uit Orbáns val: dit soort jongens kunnen verpletterend verslagen worden
In dit artikel:
Péter Magyar beëindigde zondag na zestien jaar het premierschap van Viktor Orbán, een uitslag die niet alleen Hongarije opschudt maar ook gevolgen heeft voor Washington. Orbán was jarenlang een bondgenoot en voorbeeld voor Amerikaanse populisten: vice-president J.D. Vance sprak onlangs in Boedapest zijn steun uit en president Donald Trump prees Orbáns leiderschap. Zowel in retoriek als in bestuurlijke werkwijzen — het monddood maken van kritiek, juridische aanpassingen in eigen voordeel en kiesregels die de machthebber bevoordelen — vertonen Orbán en Trump sterke overeenkomsten. Historicus Timothy Snyder ziet Orbán zelfs als leermeester voor figuren als Trump en Vance.
De nederlaag kwam toen economische signalen keerden: na jaren van afnemende welvaart begon Orbáns vriendjespolitiek tegen te werken en bood een sterke oppositiekandidaat een geloofwaardig alternatief. Voor Amerikaanse aanhangers van Orbán is dit een harde slag; Washington verliest met zijn val ook een strategische partner in Europa die EU-besluiten kon blokkeren en, volgens aanhangers, een directe verbinding met het Witte Huis had. Dat bemoeilijkt Amerikaanse pogingen om invloed op Europese politiek uit te oefenen.
De politieke les reikt verder naar de VS. Akoestisch gezien vormt Orbáns val een waarschuwing voor Trump en Vance: zelfs ogenschijnlijk onverwoestbare leiders kunnen op spectaculaire wijze worden verslagen. Voor Trumpistisch Amerika valt dit samen met binnenlandse economische zorgen — prijsstijgingen door importheffingen en geopolitieke spanningen die brandstofkosten opdrijven — waardoor de Republikeinen zich zorgen maken over de midterms in november en over Vances kansen richting 2028. Kiezersonvrede en gunstige peilingen voor Democraten versterken de vrees dat autoritaire of gepolariseerde leiders ook bij Amerikaanse kiezers hun houdbaarheid kunnen verliezen.