Leger VS schiet per ongeluk drone van de grenswacht neer: 'Chaos in het luchtruim'
In dit artikel:
Het Amerikaanse leger schoot onlangs bij Fort Hancock (Texas), dicht bij de grens met Mexico, per ongeluk een drone neer die toebehoorde aan de eigen grenswacht. Militairen hadden het toestel met een laser anti-dronewapen uit de lucht gehaald omdat zij dachten dat het een door Mexicaanse kartels gebruikte drone was. Pentagon, FAA en de Border Patrol zeggen dat het incident in een afgelegen gebied plaatsvond en dat er op dat moment geen commerciële vluchten in de buurt waren; toch beloven ze voortaan beter te coördineren om herhaling te voorkomen.
De FAA heeft als gevolg van het voorval tijdelijk een no-flyzone rond Fort Hancock uitgebreid: in een strook van circa 15 km lang en tot 5 km breed geldt tot zeker 24 juni een verbod op vluchten onder 18.000 voet (ongeveer 5,5 km). Het ongeluk versterkt politieke bezorgdheid: Democratische congresleden verwijten de regering-Trump onvoldoende veiligheidsprotocollen voor het gebruik van anti-dronemiddelen en wijzen erop dat een wetsvoorstel voor betere opleiding van dronepiloten werd afgewezen.
De gebeurtenis speelt zich af tegen een achtergrond van veelvuldig carteldronegebruik langs de grens; in de tweede helft van 2024 werden meer dan 27.000 drones waargenomen die onder meer voor drugssmokkel en observatie van grenswachters worden ingezet. Eerder leidde gebrekkige afstemming tussen het Pentagon en civiele luchtvaartautoriteiten al tot opschudding — de FAA kondigde onlangs ook kort een luchtruimsluiting bij El Paso af vanwege een vermeende “invasie” van karteldrones, en de NTSB concludeerde dat slechte informatie-uitwisseling mede bijdroeg aan een dodelijke vliegtuigcrash bij Washington vorig jaar waarbij 67 mensen omkwamen.
Kortom: het neerhalen van de Border Patrol-drone legt de risico’s van losse procedures, de groeiende aanwezigheid van carteldrones en de noodzaak van scherpere coördinatie tussen militaire en civiele autoriteiten bloot.