Norris kan uren praten over 'waarschijnlijk slechtste F1-auto's ooit'
In dit artikel:
Tijdens het eerste Formule 1-weekend van het seizoen in Melbourne uitte Lando Norris hardop zijn onvrede over de ingrijpend gewijzigde auto’s; hij zette in de kwalificatie de zesde tijd neer. Volgens Norris zijn de nieuwe bolides een stap terug ten opzichte van voorgaande jaren: “We zijn van de beste auto’s ooit naar waarschijnlijk de slechtste gegaan.”
De kritiek is vooral technisch van aard. De 2026-regels stellen een veel grotere rol voor de hybride-aandrijving: de motor is nu voor een groot deel elektrisch en energiebeheer is cruciaal. Dat dwingt coureurs om vaker te remmen en te rekupereren, anders raakt het accupakket te vol of juist te leeg, waardoor rondetijden en rijgedrag sterk fluctueren. Om zuiniger te zijn werken de voor- en achtervleugels actief; op rechte stukken liggen ze vlak om weerstand te verminderen en in bochten klappen ze weer omhoog. Norris zei dat die systemen het rijden omslachtig maken: je moet constant je stuurdisplay in de gaten houden om te zien welke modus actief is, anders loop je gevaar van de baan.
Max Verstappen uitte vergelijkbare bezwaren en noemde de nieuwe set-up eerder al “een soort Formule E op steroïden.” Voordat het seizoen begon was al gevreesd dat de auto’s niet genoeg energie zouden hebben om een geheel vol gas te kunnen rijden; dat probleem tekende zich in Melbourne direct af.
Als extra context: vorig jaar won Norris nog de Grand Prix van Australië, vóór Verstappen — wat de kritiek extra gewicht geeft omdat hij onlangs wél succesvol was op hetzelfde circuit.