Lamyae Aharouay toont haarfijn aan hoe het kabinet-Jetten haat en racisme normaliseert

zondag, 29 maart 2026 (10:37) - Joop

In dit artikel:

Lamyae Aharouay, een bekend gezicht van de NRC en regelmatig te zien als politiekduider op tv (onder meer Buitenhof), verlaat de politieke redactie waar ze sinds 2018 werkte. In een uitgebreid afscheidsessay in de krant legt ze uit waarom ze zich heeft laten overplaatsen naar het Weekend-bijvoegsel: niet uit carrièremotief, maar uit afkeer en angst voor de cultuur in Den Haag. Door haar achternaam en hoofddoek krijgt ze dagelijks haat en uitsluiting te verduren; volgens haar zijn er inmiddels 46 Kamerleden die vinden dat zij niet in Nederland thuishoort.

Aharouay trekt parallellen met de normaliseringsprocessen die William Shirer beschreef in zijn dagboeken over het Duitsland van de jaren dertig: haat en racisme worden stap voor stap in politiek beleid omgezet en raken zo geleidelijk geaccepteerd. Ze ziet in de huidige Nederlandse politiek een vergelijkbare ontwikkeling. Extreme rechte partijen en instrumentalisering van anti-asielretoriek worden – met enkele randvoorwaarden – steeds meer als respectabele politieke stroming behandeld, naast traditionele partijen. Praktische voorbeelden die ze noemt: de deelname van de PVV aan het kabinet Schoof (zoals in het essay genoemd), het overnemen van Faber’s vreemdelingenwet door kabinet-Jetten en de bereidheid van sommige middenpartijen om meerderheden te vormen met steun van partijen als SGP of JA21.

Haar vertrek is bedoeld als waarschuwing: keurige, centrumgeoriënteerde politici vormen geen stevig bolwerk tegen deze normalisering, maar dragen er soms indirect aan bij. De toon van haar stuk is dan ook schokkend en urgent.

De columnist voegt daaraan toe dat andere politieke affaires – het toeslagenschandaal en de nasleep van de Groningse gaswinning – niet uit het publieke zicht mogen verdwijnen, zeker nu er nog kwesties van winning en compensatie spelen. Tot slot wordt in de column verwezen naar de podcast Geheugenpaleis (Han van der Horst en John Knieriem), die actuele politieke fenomenen zoals De Mos bespreekt.