Kwart kwetsbare vrouwen krijgt te weinig kraamzorg: 'Kijk naar de behoefte van die gezinnen'

zaterdag, 28 maart 2026 (07:17) - Het Parool

In dit artikel:

Nieuwe cijfers van het Zorginstituut Nederland (periode 2017–2023) laten zien dat kraamzorg in Nederland onder druk staat en ongelijk wordt verdeeld. Landelijk daalt het gemiddelde aantal kraamuren; tegelijk krijgt gemiddeld 12,8 procent van de gezinnen niet het minimaal aanbevolen aantal van 24 uur kraamzorg. In Amsterdam is dat percentage hoger (14,6%) maar het gemiddelde aantal uren nam daar licht toe — het Kraamzorg Samenwerkingsverband Amsterdam (KSVA) vermoedt dat dat vooral komt door hoogopgeleide, welvarende Amsterdammers en expats die vroeg en soms extra zorg reserveren.

Kerncijfers tonen sterke verschillen naar sociaaleconomische status en leeftijd: gezinnen met de laagste inkomens ontvangen gemiddeld 6,7 uur minder kraamzorg dan hogere inkomens, moeders jonger dan 25 jaar krijgen 2,6 uur minder, en in wijken met een verhoogd risico op sociale en financiële problemen is de kans op te weinig kraamzorg anderhalf keer zo groot. Landelijk haalt 21 procent van kwetsbare gezinnen de 24 uur niet, tegenover 8 procent bij niet-kwetsbare gezinnen.

Het Zorginstituut pleit voor meer maatwerk: kraamzorg zou scherper toegewezen moeten worden aan gezinnen waar de meerwaarde het grootst is, omdat juist de groepen met de meeste behoefte nu relatief het minst gebruikmaken van de zorg. KSVA-directeur Laura Schuit wijst op scheve patronen in Amsterdam: veel mensen regelen kraamzorg vroeg en zelfs tegen bijbetaling, waardoor laat-aanmelders — die mogelijk extra ondersteuning nodig hebben — juist de minimumzorg krijgen. Momenteel geldt bij late inschrijving (na week 20) een verzekeraar verplichting tot alleen minimale zorg, wat volgens betrokkenen het systeem oneerlijk maakt.

Het RIVM gaat nader onderzoeken waarom gezinnen minder uren afnemen; zorgverleners noemen al langer de drempel van de eigen bijdrage (ruim €130 voor 24 uur) als reden om kraamzorg te mijden. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd signaleert bovendien dat personeelstekorten in steeds meer regio’s leiden tot minder kraamzorg. Omdat kraamverzorgenden niet alleen bijstaan bij borstvoeding maar ook problemen bij moeder en baby kunnen signaleren, vergroot het tekort aan kraamzorg de ongelijkheid in de start voor moeder en kind.