Kunstenaar Jesse Darling, nu met expo's in Parijs en Amsterdam, is dé ambassadeur voor verandering
In dit artikel:
Jesse Darling confronteert de commercialisering van de kunstwereld met twee zomertentoonstellingen in Parijs en Amsterdam, waarin hij een beeld van een mogelijke toekomst na de catastrofe oproept. In het Palais de Tokyo (Parijs) vult zijn installatie Les ambassadeurs de Grande Verrière met dertig ventilatoren op zelfgetimmerde spreekgestoelen; aan hun randen hangen witte doeken met verbleekte kleurvlakken die doen denken aan uitgebleekte vlaggen van G7- en NAVO-machten. Elektriciteitskabels en onbruikbare uithangborden – ontdaan van letters en tot lampen gereduceerd – liggen rommelig op de vloer. De ventilatoren blazen af en toe, waarna ook de lampen doven: een beeldspraak voor het einde van reclame, merkgeweld en nationalistisch machtsvertoon.
Tegelijkertijd vult Darling de Oude Kerk in Amsterdam met meer organische ingrepen: hopen zand over de kerkvloer, scheppen en harken, steigerbuizen die jonge boompjes overeind houden, klimop en op sommige plekken al grasgroei. Rijen gekleurde lampjes refereren aan volksleven en de buurt; kleine houten kastjes fungeren als herstart van voormalige altaren, met veldbloemen in lege flessen en werkhandschoenen als hulde aan mensen die zelden in de schijnwerpers staan. Veel van die objecten maakte hij samen met vrienden uit zijn krakerstijd die nu wonen op Het Groene Veld in Amsterdam-Noord — een directe koppeling naar huisvestingsproblematiek en stadsethiek.
Darling (1980, Oxford) begon laat met formele kunstopleiding en heeft een achtergrond als kraker, sekswerker en coffeeshopmedewerker. Zijn werk wordt vaak geplaatst binnen ‘crip art’: kunst die ervaring met chronische ziekte, beperking of neurodivergentie centraal stelt. Na het winnen van de Turner Prize in 2023 liep hij op tegen de neoliberale structuren van de kunstwereld; hij trok zich terug van openings, atelierbezoeken en Instagram, en richtte zich op bierbrouwen, tuinieren, psychoanalytische en kruidengeneeskundige studies. Hij werkt vooral met hergebruikte materialen en geeft les op een kunstacademie, niet om studenten voor de markt klaar te stomen maar om ze ‘crucial survival skills’ mee te geven en andere vormen van samenwerking te verkennen.
Thematisch refereert Darling aan historische kunst (Holbeins De ambassadeurs, Toulouse-Lautrec) en religieuze symboliek; in de Oude Kerk creëert hij een anamorfose en hangt hij een groot blauw zeil dat, afhankelijk van de kijkhoek, als beschermende mantel voor iedereen kan gelden. Zijn tentoonstellingen zijn een pleidooi voor gemeenschapsfuncties van ruimtes, het terugdringen van marktdwang en het zichtbaar maken van vergeten levens.
Het Oranje Café: Noah Ohio geeft zijn voorkeur in de eeuwige discussie: Messi of Ronaldo?