Kunst, religie, literatuur en holocaust, liefde en familiegeschiedenis... het is wel veel in 'Kiefers hand'
In dit artikel:
Dieuwertje Mertens keert in Kiefers hand terug naar thema’s uit haar eerdere debuut — familiegeschiedenis die als een schaduw door generaties voortleeft — en levert een roman die literatuur, kunst en de holocaust met elkaar verweeft. Centraal staat Dione, een vrouw die volwassen wordt terwijl ze een verhouding begint in Parijs met de gevierde joodse kunstenaar Abraham Kiefer (een figuur die bewust aan Anselm Kiefer doet denken). De affaire dreigt zowel haar huwelijk als de vraag naar de vaderschap van haar kind te ontwrichten. Tegelijk graaft Dione in het verleden van haar grootmoeder Johanna, een vrouw op oude foto’s met een spookachtig, bevroren gezicht. Johanna blijkt in het verleden relaties te hebben gehad, onder meer met haar aangetrouwde zwager Rudi — een man met een duister oorlogsverleden.
Mertens verlegt het verhaal richting het bovennatuurlijke wanneer Johanna en Rudi in het hiernamaals elkaar treffen en Rudi gedwongen wordt openhartig te zijn over wat hij tijdens de oorlog gedaan heeft. Daarmee schuift de roman onvermijdelijk het thema Holocaust naar voren. Parallel aan dit familiedrama plaatst Mertens Kiefers provocerende, vaak theatraal-politieke kunstwerken — foto’s en performances waarin hij o.a. Israëlische en Palestijnse rollen omdraait of bloedvergieting symboliseert met rode olijven — en onderzoekt ze hoe oorlog en schuld door kunst worden behandeld. Mertens lijkt Kiefer eerder te parodiëren dan te vereren, en stelt tegelijk de lastige vraag of groot leed onvermijdelijk tot pathetische of kitscherige uitingen in de kunst leidt.
De roman heeft sterke kanten: een nieuwsgierige, brede interesse in kunst, religie en literatuur, en momenten van scherpe, herkenbare schrijfstijl. Toch klaagt de recensent dat het geheel te gefragmenteerd aanvoelt. Kiefers hand schakelt tussen huiselijke klaagzangen, kunstbeschouwing, liefdesdrama, genealogisch speurwerk en expliciete oorlogsverschrikkingen. Vooral het laatste deel wordt als zwaar en clichématig ervaren: bekende beelden van vernietiging en honger worden gedetailleerd en herhaald, zodat de balans van het boek verstoord raakt.
De slotopdracht van de roman blijft vaag maar indringend: alledaagse intimiteit en uiterste wreedheid liggen dichter bij elkaar dan we willen denken, en het is een persoonlijke opgave om historische kennis om te zetten in gevoel en waakzaamheid, in plaats van in verstarring of verstrooiing.
Vandaag Inside: Bart Verbruggen ging flink tekeer: 'Ik probeerde iedereen heel scherp te houden'