Koerdisch bewind Noord-Oost Syrië na 10 jaar ten einde, nu onder Al-Sharaa's 'nationale overheid'
In dit artikel:
"Onze enige vrienden zijn de bergen" is niet langer louter een gezegde maar vangt de sfeer in Noord-Oost Syrië nu het Koerdische bestuur daar uiteenvalt. Na de val van Aleppo heeft Al‑Sharaa’s centrale regering het gezag overgenomen in het gebied dat tot nu toe grotendeels door Koerdische autoriteiten werd bestuurd. De machtswisseling gebeurt onder dreiging van bloedige clanconflicten: de nieuwe staatsmacht bestaat grotendeels uit soennitische, door sommigen als IS‑achtig omschreven milities in andere uniformen, waardoor orde en veiligheid allesbehalve verzekerd lijken.
De gebeurtenis markeert een bittere ommekeer: Koerdische strijdkrachten die belangrijk waren in de door de VS en Europa gesteunde campagne tegen IS, worden nu door Amerika achtergelaten ten gunste van een eenheidsbeleid richting Damascus. Washington zegt toe te zullen toezien op een "rechtvaardige integratie". Als onderdeel daarvan belooft Al‑Sharaa Koerdische rechten en onderwijs te beschermen, het herstel van staatsburgerschap voor mensen die dat in 1962 verloren, en maakt Noroez tot nationale feestdag. Ook zouden leger- en politie-eenheden in Noord‑Oost Syrië deels uit lokale (Koerdische) bevolking worden gerekruteerd.
In praktijk leidt de overgave tot directe gevolgen: talloze IS-gevangenen ontsnappen uit Koerdische gevangenissen, met name uit voormalig IS‑bolwerk Raqqa, en het grote detentie‑ en vluchtelingenkamp Al‑Hol stroomt leeg — mogelijk inclusief enkele Nederlandse ingezetenen. Veel Koerden kiezen daarom voor vertrek in plaats van te wachten op afdwingbare garanties. De situatie belooft nog lange spanningen en onzekerheid, ondanks de formele beloften van integratie.