Klimaatverandering vraagt om nieuwe framing
In dit artikel:
De tekst voert een felle kritiek op het huidige klimaatdebat: volgens de auteur ontbreken de feiten om miljarden euro’s uit te geven aan klimaatbeleid, en beleidsmakers, media en internationale organisaties verschuiven voortdurend van frame om die uitgaven te legitimeren. Eerst was het ‘opwarming van de aarde’, daarna het algemenere ‘klimaatverandering’ en nu — zo stelt het stuk — wordt de dreiging voor de volksgezondheid naar voren geschoven (risico’s uit tropische ziektes, hittestress, huidkanker, hooikoorts) om het geldstromen te rechtvaardigen.
Het artikel beweert dat eerdere doemscenario’s niet zijn uitgekomen: ijsberen bestaan nog, Nederland staat niet onder water en kustplaatsen floreren nog; bovendien zou het IPCC recent hebben moeten toegeven dat hockeystick-grafieken en horrorscenario’s onrealistisch waren. De schrijver zet deze vermeende mislukking van de onderbouwing af tegen politieke keuzes: terwijl er geen geld wordt gevonden om verhoging van de AOW-leeftijd te stoppen, zouden wél miljarden vrijkomen voor technologieën als elektrische auto’s en warmtepompen — gepresenteerd als middelen om gezonder en minder kwetsbaar ouder te worden.
Het stuk eindigt sceptisch en sarcastisch, ook richting publieke figuren zoals Ernst Kuipers, en vraagt de lezer zich af of er niet iets fundamenteel niet klopt in de wijze waarop klimaat‑ en gezondheidscijfers worden gebruikt om beleid en uitgaven te rechtvaardigen.