Klimaatonderhandelingen gaan moeizaam, maar een echt alternatief is er niet

vrijdag, 12 december 2025 (15:16) - NOS Nieuws

In dit artikel:

Op de recente klimaattop in Brazilië werd het slotakkoord weinig enthousiast onthaald: er kwam flauw applaus en er werden geen harde uitspraken gedaan over olie, steenkool of gas — de grootste bronnen van CO2-uitstoot. Dat staat in schril contrast met de sfeer na het sluiten van het Klimaatakkoord van Parijs, tien jaar geleden, toen diplomaten juichten en optimisme hoogtij vierde.

Volgens Heleen de Coninck (hoogleraar klimaatbeleid, TU/e) viel Parijs samen met politieke steun van invloedrijke landen zoals de VS, Australië en Canada; die gezamenlijke druk hielp om tegenstanders over de streep te trekken. Het succes van toen kwam niet uit het niets: er waren al tientallen conferenties aan voorafgegaan, waarvan sommige weinig opleverden en een aantal — zoals Kopenhagen — zelfs uitgegroeid zijn tot fiasco’s. Onderhandelen is bovendien complex omdat bijna 200 landen met uiteenlopende economische belangen unanimiteit moeten bereiken.

Energie-expert Remco de Boer stelt dat het model van globale onderhandelingen na circa 25 jaar zijn beperkingen toont en momenteel "failliet" lijkt. Handelspolitieke conflicten mengen zich steeds vaker in klimaatdossiers; een voorbeeld is dat China de EU niet wilde steunen vanwege onenigheid over de Europese heffing op CO2-intensieve invoer. Daarnaast trekken landen als de VS zich op meerdere fronten terug, terwijl multilaterale instituties zoals de VN aan invloed verliezen — omstandigheden die het moeilijk maken om mondiale overeenstemming te bereiken.

Als reactie zijn er steeds meer plurilaterale, vrijwillige samenwerkingsverbanden — bijvoorbeeld initiatieven tegen methaanlekken — waarin gemotiveerde landen sneller concrete stappen kunnen zetten. De Coninck benadrukt echter dat zulke clubs geen volwaardig alternatief vormen voor onderhandelingen met alle landen; ze versterken wel het geheel, maar sluiten sleutelspelers soms uit.

Voor de EU, die zich als klimaatvooraan­staande presenteert, is de huidige terugslag pijnlijk zichtbaar. Tijdens de Braziliaanse top gaf Europees Commissaris Wopke Hoekstra een strenge waarschuwing en dreigde de deal niet te steunen; uiteindelijk ging hij bij beperkte toezeggingen akkoord. Binnen Europa zelf neemt de bereidheid tot strikte regelgeving af: scherpe doelen voor 2040 kwamen er na veel moeite, terwijl veel milieuregelgeving wordt afgezwakt en discussies lopen om maatregelen — zoals een verbod op nieuwe benzine- en dieselauto’s vanaf 2035 — uit te stellen.

De Boer waarschuwt dat te streng vasthouden aan Europese voortrekkersrol kan leiden tot uitstroom van industrie en grotere afhankelijkheden van grondstoffenimport. De Coninck draait dat om: goede en stabiele duurzaamheidseisen kunnen innovatie en concurrentiekracht aansporen. Haar kernboodschap: regelgeving moet vereenvoudigd maar niet verzwakt worden — een balans vinden tussen ambitie en economische realiteit is cruciaal.