Klimaatbeleid loont, leren we tien jaar na het Parijsakkoord

zaterdag, 13 december 2025 (13:43) - NU.nl

In dit artikel:

Tien jaar na de klimaattop in Parijs blijft het akkoord uit 2015 een mijlpaal: bijna 200 landen legden er voor het eerst een gezamenlijke temperatuurdoel vast — de opwarming ruim onder de 2°C houden, met 1,5°C als ambitie — en spraken af de netto-uitstoot in de tweede helft van deze eeuw naar nul te brengen. De overeenkomst ontstond na hectische onderhandelingen in een voorstad van Parijs, waar diplomaten, onderhandelingsleiders en ministers dagenlang streden over tekstformuleringen en politieke compromissen.

Voor Nederland zat Ivo de Zwaan destijds als hoofdonderhandelaar in Parijs; ook veteranen als Michel Rentenaar herinneren zich de gespannen momenten (zoals discussie over “shall” versus “should”) maar ook de euforische nasleep. De Franse voorzitterstafel speelde een sleutelrol: door elk land serieus te laten meepraten ontstond draagvlak dat eerdere pogingen, zoals in Kopenhagen (2009) en Kyoto (1997), niet konden bereiken.

Een belangrijke innovatie van Parijs was dat landen zelf hun doelstellingen mochten bepalen via ingezette nationale plannen (de latere NDC’s) en zich iedere vijf jaar moesten committeren aan meer ambitie. Dat systeem leek aanvankelijk mager, maar heeft geleid tot veel ambitieuzere nationale toezeggingen en concrete beleidsmaatregelen. Klimaatonderzoekers zien duidelijk effect: waar de wereld eerder op een pad naar circa 3,6°C opwarming stond, wordt nu een verwachting van ongeveer 2,6°C gehanteerd — een verbetering, maar nog ver van voldoende om ernstige gevolgen te voorkomen.

Het akkoord had ook een krachtige marktsignaalfunctie: voor bedrijven, investeerders en staten werd duidelijk dat fossiele brandstoffen geen vanzelfsprekende toekomst hebben. Dat dwong technologische investeringen en versnelde de kostendaling van hernieuwbare energie. China geldt als een opvallende winnaar van deze omslag: het land investeerde sterk in groene technologie en werd wereldleider in productie en installatie van zonne- en windcapaciteit, wat bijdroeg aan een stabilisatie van zijn uitstoot.

Toch nemen de uitdagingen toe. Klimaatmetingen wijzen erop dat de aarde in 2024 al de kritische 1,5°C-grens heeft overschreden en het tempo van mitigatie is onvoldoende om verdere overschrijdingen te vermijden. Bovendien drukken geopolitieke spanningen en economische thema’s het klimaatbeleid; onder sommige regeringen, zoals de VS onder Trump, kreeg klimaatprioritering terugslag.

Samenvattend: Parijs legde een onmiskenbare basis voor mondiale klimaatactie en versnelde de energietransitie, maar de ingezette maatregelen moeten fors worden opgeschaald om het doel van 1,5°C binnen bereik te houden. De middelen — betaalbare, schone energie — bestaan grotendeels, maar politieke wil en internationale samenwerking blijven cruciaal.