'Klimaatacrobaat' koningspinguïn past zich wonderwel aan aan opwarmende Zuidpool 

woensdag, 11 maart 2026 (19:21) - VRT Nieuws

In dit artikel:

Een internationaal team volgde van 2000 tot 2023 ongeveer 17.000 koningspinguïns op de Crozet‑eilanden (tussen Afrika en Antarctica) en publiceerde de resultaten in Science Advances. De soort blijkt opmerkelijk flexibel: het broedseizoen verschuift geleidelijk naar voren en in 2023 startte het paringsgedrag gemiddeld 19 dagen eerder dan aan het begin van het onderzoek. Waar in 2000 de vogels elkaar rond 27 november het hof maakten, gebeurde dat aan het eind van de studie al rond 8 november. Tegelijk nam het percentage succesvol uitgebrachte eieren toe van 44 naar 62 procent — ongeveer de helft meer jongen overleeft nu.

Die verschuiving is gekoppeld aan veranderingen in de voedselketen. Koningspinguïns timen hun voortplanting op het moment dat vis en pijlinktvis volop beschikbaar zijn, en die prooien volgen weer het ritme van planktonbloei. Door opwarming van de oceaan en veranderende lichtomstandigheden vindt die voedselpiek eerder in het jaar plaats, en de pinguïns blijken mee te schuiven met die nieuwe timing. Bovendien geeft het vroeger uitkomen de kuikens meer tijd om op kracht te komen vóór de barre wintermaanden (juni–september), wat de overlevingskansen vergroot.

De soort heeft daarbij een praktisch voordeel: het potentiële begin van het broedseizoen spreidt zich over een periode van vier maanden (november–februari), waardoor er speelruimte is om te anticiperen op variatie. Volgens de onderzoekers is deze mate van aanpassing bij vogels uitzonderlijk; keizerspinguïns reageren veel langzamer en Adéliepinguïns lijken hun timing nauwelijks te veranderen.

Toch is die flexibiliteit geen garantie voor de lange termijn. Als klimaatverstoringen doorgaan, kunnen de omstandigheden rond de Zuidpool zodanig verschuiven dat het binnen 20–30 jaar te warm wordt voor de prooidieren van de koningspinguïn. Ook toenemende weersextremen zoals hittegolven vormen een directe bedreiging voor de vogels. De onderzoekers waarschuwen daarom dat, hoe goed de soort zich nu aanpast, het onduidelijk is hoe lang dat vermogen zal volhouden onder voortdurende en intensiverende klimaatverandering.

Historische context: de soort heeft in het verleden ook al menselijke druk doorstaan — in de 19e eeuw werden pinguïns massaal gedood voor walvisolie — maar de huidige uitdaging is klimaatgedreven en vraagt blijvende monitoring en mogelijk beschermingsmaatregelen om te beoordelen of deze 'klimaatacrobatiek' voldoende blijft in de komende decennia.