Klimaat-opportunist Mark Carney zakt door het ijs
In dit artikel:
Klimaatexperts raakten in beroering toen de Canadese premier Mark Carney zich onlangs uitliet voor de aanleg van een nieuwe oliepijpleiding van Alberta naar de westkust — een stap die haaks staat op zijn eerdere imago als pleitbezorger van snelle klimaatactie. Carney, een econoom en oud-topbankier met een verleden als VN-klimaatgezant, stond bekend om zijn waarschuwingen over de financiële risico’s van klimaatverandering, onder meer in een toonaangevende toespraak voor de Bank of England in 2015.
Toch waren er al eerder aanwijzingen dat zijn beleid minder groen zou uitpakken. In 2020 startte hij het Integrity Council for Voluntary Carbon Markets (ICVCM) om het wankele systeem van carbon credits nieuw vertrouwen te geven. Carbon credits zijn verhandelbare certificaten die beweren dat ergens een ton CO2 is verwijderd of voorkomen, bijvoorbeeld via bosaanplant of het voorkomen van kap. Uit onderzoek en het boek Wie betaalt, mag vervuilen blijkt echter dat zulke beloften vaak weinig of geen klimaatwinst opleveren, soms zelfs schade aan mens en natuur veroorzaken, en vooral fungeren als goedkoop excuus voor vervuilende bedrijven om door te gaan met uitstoten. De door Carney geïnitieerde raad bevatte volgens critici veel vertegenwoordigers van multinationals en CO2-handelaren, waardoor haar integriteitsfunctie betwistbaar werd.
In 2025 kreeg Carney als premier de mogelijkheid om klimaatbeleid daadkrachtig te voeren, maar hij koos het tegenovergestelde pad: hij schafte de succesvolle Canadese CO₂-belasting af — officieel omdat die te veel verdeeldheid zou zaaien — verlaagde subsidies voor elektrische auto’s en woningisolatie, versoepelde CO₂-beprijzing voor de industrie en sloot een voorlopige overeenkomst om de olieproductie fors op te voeren (een extra miljoen vaten per dag). Zijn ambitie om van Canada een “energiesupermacht” te maken leidde tot het aftreden van voormalig milieuminister Steven Guilbeault en twee oprichters van het federale klimaatadviesorgaan, die dit alles als een serieuze klap voor Canada’s klimaatdoelen bestempelden.
Kortom: Carneys transitie van klimaatwaarschuwen naar beleid dat fossiele productie faciliteert zet vragen op over beleidskeuzes, belangen van de fossiele sector en de effectiviteit van instrumenten als carbon credits. Zijn acties ondermijnen volgens critici de kans dat Canada zijn klimaatambities waarmaakt en tonen hoe financiële en politieke belangen het klimaatdebat kunnen sturen.