Kinderen van klassenfoto in Kamp Westerbork ontmoeten elkaar 83 jaar later bij toeval
In dit artikel:
"Het is een wonder." Met die woorden reageerde Eva Weyl (90) uit Amsterdam toen ze afgelopen september onverwacht Wolfgang Polak (91) tegen het lijf liep in een café in Dortmund — 83 jaar nadat beiden als kinderen in Kamp Westerbork in Drenthe gevangen zaten. Westerbork was het Nederlandse doorgangskamp van waaruit ruim 100.000 Joden en Roma en Sinti werden gedeporteerd naar concentratie- en vernietigingskampen; de meeste werden door de nazi's vermoord.
Weyl houdt al achttien jaar lezingen op scholen, vooral in Duitsland. Als ooggetuige van de Holocaust vertelt ze jongeren over de gevaren van uitsluiting en haat. Na één van haar presentaties hoorde de vrouw van Polak een deel van het gesprek over Westerbork en zei dat ook haar man daar had gezeten; ze belde hem en kort daarna stonden de twee oud-gevangenen tegenover elkaar. Weyl toonde een klassenfoto uit juni 1942 die ze altijd bij zich draagt; Polak herkende zichzelf direct en herinnerde zich het moment van de opname, kort voor zijn vertrek uit het kamp in de zomer van 1942.
Beide verhalen illustreren verschillende lotgevallen in het kamp. Polaks gezin keerde terug naar Amsterdam omdat zijn moeder niet-Joods was; zijn vader moest zich wekelijks bij de Duitsers melden. Weyl zat als jong meisje ongeveer 2,5 jaar in Westerbork. Ze omschrijft het kamp als een schijnwereld: er werd gespeeld en school gegeven, maar altijd met de dreiging van transporten naar het oosten, waarbij wekelijks mensen verdwenen. Het kamp werd op 12 april 1945 bevrijd — een datum die Weyl nog altijd viert.
Sinds hun toevallige hereniging treden Weyl en Polak samen op scholen op. Polak zegt dat hij vroeger niet over zijn ervaringen kon spreken, maar dat het nu belangrijk is jongeren te laten zien wat er kan gebeuren als mensen niet waakzaam zijn; hij wijst op het aanhoudende antisemitisme. Weyl wil doorgaan met lesgeven zolang ze kan en beperkt haar spreken tot het verleden — actuele nieuwsbeelden maken haar somber. Hun ontmoeting benadrukt zowel het persoonlijke overlevingsverhaal als het bredere doel: herinneren en waarschuwen om herhaling te voorkomen.