Khadija Arib en D66-minister Letschert geven alle mannen de schuld na moorden op Hajar en Lisa: 'Het is ook jullie probleem'
In dit artikel:
Het artikel is een scherp opiniestuk over de moorden op de zeventienjarige Lisa uit Abcoude en de 29-jarige Hajar in Amsterdam. De auteur verwijt de politiek en media dat zij de zaken vooral als voorbeelden van gendergerelateerd geweld presenteren en daarbij volgens hem de achtergrond van de verdachten en het falen van politie en asielbeleid onvoldoende belichten.
Oud-Kamervoorzitter Khadija Arib sprak in het WNL-programma *Café Kockelmann* over de moorden. Zij pleitte voor een onafhankelijke commissie om dergelijke zaken te onderzoeken en riep Nederlandse mannen op zich nadrukkelijker uit te spreken tegen geweld tegen vrouwen. Het artikel keert zich fel tegen die oproep, omdat daarmee volgens de auteur gewone Nederlandse mannen collectief verantwoordelijk worden gemaakt voor misdrijven van individuele daders.
De schrijver benadrukt dat de verdachte in de zaak-Lisa een asielzoeker zonder papieren zou zijn geweest die verbleef op een COA-locatie in Amsterdam-Zuidoost en de moord heeft bekend. In de zaak-Hajar noemt het artikel een verdachte van Somalische komaf zonder vaste woon- of verblijfplaats. Ook wordt aangevoerd dat Hajar om hulp zou hebben gevraagd, maar dat haar vermissing door de politie aanvankelijk niet als urgent werd beoordeeld. Volgens de auteur tonen deze omstandigheden vooral tekortschietend politieoptreden en falend vreemdelingenbeleid aan. Een commissie of publiekscampagne tegen mannelijk geweld zou daar niets aan veranderen.
Verder betoogt het artikel dat vrouwenmoord niet automatisch als een specifiek genderprobleem moet worden gezien. Volgens de auteur gaat het in zulke gevallen om individuele, levensgevaarlijke daders en wordt de aandacht door termen als ‘gendergerelateerd geweld’ afgeleid van migratie, openbare orde en de verantwoordelijkheid van overheidsinstanties. Daarbij wordt verwezen naar CBS-cijfers waaruit volgens het stuk blijkt dat in het voorgaande jaar meer mannen dan vrouwen werden vermoord.
Als bewijs voor wat de auteur ‘scheve prioriteiten’ noemt, worden begrotingsantwoorden van OCW-minister Rianne Letschert aangehaald. Het budget voor emancipatie zou volgens die stukken stijgen van 23,4 miljoen euro in 2026 naar 46,5 miljoen euro in 2027. Onder de extra uitgaven vallen onder meer geld voor lhbtiq+-veiligheid, een nationaal actieplan, een kenniscentrum en een nieuwe subsidieregeling voor een ‘Mannenalliantie tegen gendergerelateerd geweld’.
De auteur stelt deze uitgaven tegenover problemen in het onderwijs. Zo zouden 722 basisscholen onder de opheffingsnorm zitten, met een verwachte stijging naar 949 in 2031. Ook noemt het artikel mogelijke toekomstige bezuinigingen, het uitblijven van een beloofd renteplafond voor studieschulden en een nog niet afgerond onderzoek naar ‘anti-emancipatoire invloeden’. De conclusie is dat de overheid volgens de schrijver minder moet investeren in ideologische programma’s en meer in politiecapaciteit, handhaving en een strenger asiel- en uitzettingsbeleid. Het stuk eindigt met een oproep om de grenzen te sluiten en het emancipatiebudget anders te besteden.
Vandaag Inside: Martijn Krabbendam vertelt In de Wandelgangen over zijn eerste ontmoeting met Johan Derksen