Karin Spaink (1957-2026): 'Er moet iets op het spel staan, anders moet je het niet doen'
In dit artikel:
Karin Spaink is gisteren op 68‑jarige leeftijd thuis in Amsterdam overleden. Ze leed al decennialang aan multiple sclerose en had zelf besloten haar leven te beëindigen; de laatste weken sprak ze openlijk over dat besluit en werd zij begeleid door het Expertisecentrum Euthanasie. Spaink zei dat ze niet wilde wachten tot volledige afhankelijkheid en dat zij de regie over haar einde wilde behouden. Ze bewaakte ook haar naasten door veel met hen te praten en een logboek bij te houden — sinds januari 2025 zo’n 50.000 woorden — zodat zij geen onbeantwoorde vragen zouden nalaten.
Professioneel was Spaink een markante verschijning in Nederlandse media en activistische kringen. Ze was zeven jaar chef eindredactie van Follow the Money (FTM), waar collega’s haar roemden om haar vermogen om ondoorgrondelijke teksten helder en aantrekkelijk te maken — naar haar collega’s vertaald van “koude Brinta” in “sprankelende champagne”. Op de redactie viel ze op met haar rode Canta en rollator, een herkenbare persoonlijkheid die tot haar afscheid in juni 2025 actief bleef. Voor FTM ontwikkelde ze ook een veelgebruikte stijlgids die redactieleden dagelijks helpend noemden.
Spaink (geboren 1957 in Weesp) had een lange loopbaan als publicist: dertig jaar columnist bij Het Parool, auteur van twaalf boeken waaronder Het strafbare lichaam, en initiatiefnemer van digitale mensenrechtenorganisaties. Zij was medeoprichter van Bits of Freedom en voerde een langdurige juridische strijd tegen de sekte Scientology, die zij won. Haar kritische termen over kwakzalverij en de claim dat ziekte “tussen je oren” zit, werden breed opgepikt en belandden uiteindelijk in de Dikke Van Dale.
Haar engagement lag vaak op het snijvlak van persoonlijke ervaring en maatschappijkritiek. Nadat zij in 1986 de diagnose multiple sclerose kreeg, verschoven veel van haar onderwerpen naar levensvragen, zelfgekozen dood en de positie van het individu tegenover instituties. In 2001 publiceerde ze De dood in doordrukstrip, over euthanasie en zelfdoding; persoonlijk inzicht en journalistieke analyse liepen daarin door elkaar. Hoewel ze al jaren thuis pillen had liggen, koos ze niet voor zelfstandig toegediende medicatie maar voor begeleide euthanasie om eenzaamheid en mogelijke mislukking uit te sluiten.
Spaink was ook een vroeg internetpionier: het web werd na haar ziekte een levenslijn en medium voor activisme. Haar werk tegen Scientology richtte zich mede op het behoud van het internet als vrijplaats; ze waarschuwde later voor nieuwe bedreigingen: de macht van big tech, verslavende algoritmes, commerciële uitbuiting van data en risico’s rond nationale voorzieningen zoals DigiD. Om die reden steunde ze organisaties die digitale rechten en nationale controle nastreven, waaronder Bits of Freedom en The Firewall van ex‑FTM‑hoofdredacteur Eric Smit.
Haar band met de FTM‑redactie was hecht. Ze raakte geïnspireerd door onderzoeksjournalistiek rond milieuschandalen (zoals pfas‑vervuiling) en politieke onthullingen en bood haar ervaring aan nadat ze aanvankelijk werd afgeserveerd op een vacature. Uiteindelijk werd ze onmisbaar als eindredacteur: zij schrapte overbodige langdradigheid, verscherpte tijdlijnen en leerde redacteuren hoe je ingewikkelde onderwerpen helder opbouwt — een streven tegen wat zij “vaagtaal” noemde.
Privé kende ze ook zware verliezen: de euthanasie van haar hartsvriendin Christiane Hardy in 2013 en later de dementie van haar moeder troffen haar diep en leidden tot jaren van depressie. Toch vond ze telkens weer een schrijf- en activistische vonk, onder meer via haar werk bij FTM en haar inzet voor digitale vrijheden.
Spaink laat een breed nalatenschap na: als schrijver, redacteur, internetactivist en polemist. Haar stijlregels en redactionele nalatenschap leven voort op de FTM‑redactie, haar juridische overwinningen en organisatieopbouw droegen bij aan de bescherming van digitale rechten in Nederland, en haar openheid over de keuze voor euthanasie voegde een persoonlijk geluid toe aan het publieke debat over autonomie en het levenseinde.