Kan Europa zomaar van de Amerikaanse cloud worden geweerd?
In dit artikel:
De herverkiezing van Donald Trump en zijn dreigende tariefsverhogingen en exportbeperkingen zetten Europa en Nederlandse bedrijven op scherp: Amerikaanse sancties kunnen toegang tot clouddiensten plotseling blokkeren. Historische voorbeelden illustreren dat risico: Venezolanen verloren tijdelijk toegang tot Adobe Creative Cloud tijdens een embargo en recent werd het account van de hoofdaanklager van het Internationaal Strafhof afgesloten door Amerikaanse sancties. Dit roept de vraag op of Europese organisaties hun IT eenvoudig kunnen verplaatsen naar datacenters binnen de EU.
Op korte termijn is dat in de praktijk lastig. Basisdiensten zoals websites en e-mail kunnen relatief snel worden verhuisd, maar veel kernsystemen zijn inmiddels diep geïntegreerd met de specifieke diensten en automatisering van Amerikaanse hyperscalers (Amazon, Microsoft, Google). Zulke ombouwprojecten kunnen maanden tot jaren duren, mede omdat kennis van traditionele infrastructuur is afgenomen nu veel IT’ers gewend zijn aan cloud-native werkwijzen.
Europa probeerde al aan te sturen op datasoevereiniteit met Gaia-X (gestart in 2019), maar in 2026 heeft dat initiatief nog weinig tastbare concurrentie opgeleverd voor de grote Amerikaanse aanbieders; de focus lag vooral op standaarden en samenwerking in plaats van op het bouwen van een echte hyperscale-alternatief. Er zijn wel veelbelovende lokale initiatieven: Frankrijk werkt met het overheidsproject La Suite Numérique aan open-source alternatieven voor samenwerkingstools, en Duitsland stimuleert projecten vanuit overheid en industrie. Deze oplossingen richten zich doorgaans op vervanging van Microsoft 365 en Google Workspace, niet op volledige infrastructuur op hyperscale-niveau.
Hyperscalers onderscheiden zich door vrijwel onbeperkte, geautomatiseerde capaciteit die je per gebruik betaalt, wat flexibiliteit en kostenefficiëntie biedt. Daardoor is afscheid nemen van hen technisch en economisch complex. Praktische mitigaties bestaan wel: ontwerpen met een abstractielaag of cloud-agnostische bibliotheken waardoor applicaties minder afhankelijk worden van onderliggende cloudservices. Daarmee verlies je wel sommige voordelen van hyperscalers, maar migratie wordt beheersbaarder en codewijzigingen zijn vaak relatief klein – soms met hulp van AI te realiseren.
Sommige platforms, zoals Salesforce, zijn echter zo propriëtair dat ze in de praktijk opnieuw opgebouwd moeten worden. Financieel zou Europa een eigen hyperscale-infrastructuur kunnen opzetten, maar tijd is de grootste hobbel: optimistische prognoses spreken van zes tot acht jaar en miljardeninvesteringen voordat een volwaardig alternatief staat.