Kabinet zet massaal in op krimp veestapel: 627 miljoen voor minder koeien
In dit artikel:
Het kabinet stelt 627 miljoen euro beschikbaar via de Subsidieregeling extensivering melkveehouderij (Sem) om het aantal melkkoeien in Nederland te verminderen. De regeling, die al door de Europese Commissie is goedgekeurd, richt zich op alle Nederlandse melkveehouders en beoogt het mestoverschot te verkleinen en de uitstoot van stikstof en broeikasgassen terug te dringen.
Boeren kunnen subsidie aanvragen wanneer zij 10–20% van hun melkkoeien weghalen voor een periode van drie jaar. Voor elke verminderde koe is een jaarlijkse vergoeding van 1.606 euro voorzien; daarnaast krijgen deelnemers een vergoeding voor het verlies van fosfaatrechten. De regeling wordt uitgevoerd door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Aanvragen kunnen ingediend worden van 1 juni tot 29 juli 2026 en worden op volgorde van binnenkomst afgehandeld; binnen vier weken na toekenning moet het aantal koeien daadwerkelijk zijn verminderd.
Het kabinet rekent erop dat met het beschikbare budget maximaal zo’n 64.000 koeien verdwijnen, ongeveer 4% van de totale veestapel. Als gevolg daarvan verwacht de overheid een daling van de stikstofuitstoot met circa 0,5 kiloton en van de broeikasgasuitstoot met ongeveer 0,3 megaton CO2‑equivalenten, plus minder fosfaatproductie. Om structurele krimp te bewerkstelligen moeten boeren de fosfaatrechten van de geschrapte dieren inleveren; die rechten vervallen en mogen niet verkocht worden.
De regeling hangt samen met Europese verplichtingen: het wegvallen van de derogatiepermissies per 2025 verergerde het mestprobleem, waardoor krimp volgens Den Haag noodzakelijk is om aan regels zoals de Nitraatrichtlijn te voldoen. Na afloop van de driejarige subsidieperiode kunnen deelnemers weer uitbreiden, maar alleen door nieuwe fosfaatrechten aan te kopen. Het kabinet waarschuwt dat aanvullende maatregelen later niet zijn uitgesloten, waardoor onzekerheid over de lange termijn blijft bestaan.