Kabinet zet eerste stap om lasten bedrijven bij zieke werknemer te verlagen
In dit artikel:
Minister Thierry Aartsen (Werk en Participatie) wil de zogeheten RIV-toets aanpassen om te voorkomen dat werkgevers achteraf een loonsanctie opgelegd krijgen voor zieke werknemers. Hij stuurt vrijdag een wetsvoorstel naar de Raad van State waarmee het advies van de bedrijfsarts leidend wordt bij de beoordeling of een werkgever voldoende re-integratie-inspanningen heeft geleverd nadat een werknemer twee jaar ziek is geweest. Nu kan het UWV, via een verzekeringsarts, alsnog oordelen dat er te weinig is gedaan, met als gevolg dat de werkgever een derde jaar loon moet betalen.
Aartsen zegt dat die onzekerheid ondernemers schaadt: zij volgen vaak het advies van de bedrijfsarts, maar kunnen later toch worden aangeslagen door het UWV. Met de wijziging moeten werkgevers die het bedrijfsartsadvies hebben opgevolgd zeker weten dat ze geen boete krijgen. De twee jaar loondoorbetaling bij ziekte blijft ongewijzigd; voorstellen om voor kleine werkgevers het tweede jaar uit een collectieve pot te laten betalen zijn door de Kamer gevraagd, maar daar zijn volgens Aartsen momenteel geen financiƫle middelen voor.
Het kabinet wil in overleg met sociale partners zoeken naar creatieve oplossingen, maar die gesprekken liggen op dit moment stil door onrust bij vooral vakbonden over andere kabinetsplannen (zoals de versnelling van de AOW-leeftijd). De voorgestelde wijziging vermindert de kans op achteraf ingrijpen door het UWV en moet werkgevers meer vertrouwen geven om mensen in vaste dienst te nemen. Tegelijk kan het verschuiven van beslissingsmacht richting bedrijfsartsen discussie oproepen over toezicht en uniformiteit van medische oordelen tussen bedrijfsartsen en verzekeringsartsen.