Kabinet verdedigt nieuwe EU-subsidies aan ngo's ondanks grote zorgen over beïnvloeding
In dit artikel:
Het kabinet blijft nieuwe Europese subsidiepotten voor ngo’s steunen, ook al groeit de bezorgdheid over mogelijke politieke beïnvloeding en belangenverstrengeling. Dat antwoord gaf de regering op schriftelijke vragen van PVV-Kamerleden Geert Wilders en Sebastiaan Stöteler. Volgens Den Haag valt het beïnvloeden van beleid door gesubsidieerde organisaties binnen de democratische praktijk en is het subsidieproces voldoende transparant.
De discussie speelt tegen de achtergrond van een onderzoek in Brussel naar vermeende onregelmatigheden bij contracten tussen de Europese Commissie en ngo’s, vooral in milieu- en klimaatdossiers. Die zaak raakt ook aan de periode dat Frans Timmermans vicevoorzitter van de Commissie was; zijn afwezigheid bij een parlementaire hoorzitting in Straatsburg begin december gaf extra brandstof aan de controverse en veroorzaakte felle politieke reacties.
EU-programma’s subsidiëren projecten rond klimaat, milieu en maatschappelijk werk, waarbij ook lobbyactiviteiten richting EU-instellingen worden gefinancierd. Het kabinet wijst erop dat subsidiegegevens openbaar zijn via het Financial Transparency System en dat organisaties zich moeten inschrijven in het EU-lobbyregister, waardoor volgens de regering geen verborgen geldstromen bestaan. Ook benadrukt de regering dat ngo’s zelfstandig werken en niet door de Commissie worden aangestuurd.
Kritiek kwam onder meer van oud-minister Ronald Plasterk, die waarschuwde dat sommige organisaties Europees geld gebruiken om beleid te beïnvloeden waar zij zelf van afhankelijk zijn. PVV’ers vroegen of dit geen belangenverstrengeling betekent, maar het kabinet ziet geen aanleiding om het Nederlandse positie ten aanzien van het EU-subsidiebeleid te veranderen of extra onderzoek te vragen.
Tegelijk werkt de Commissie aan plannen om in het meerjarenbudget voor 2028–2034 miljarden extra vrij te maken voor ngo’s, media en activistische netwerken (in conceptcirculaires wordt circa 8,6 miljard genoemd), bedoeld onder meer ter compensatie van weggevallen Amerikaanse financiering — iets wat critici vrezen te laten leiden tot verdere politisering van subsidies.