Kabinet steekt nog eens 25 miljoen in Einsteintelescoop: 'Drielandenpunt erg geschikt'
In dit artikel:
Het kabinet trekt in overleg met de provincie Limburg nog eens 25 miljoen euro uit om de Einsteintelescoop naar de grensstreek te lokken, zo blijkt uit een brief aan de Tweede Kamer na de ministerraad van vrijdag. Nederland doet samen met België en Noordrijn-Westfalen (Duitsland) mee in de race; tegenkandidaten zijn Italië en de Duitse deelstaat Saksen.
De Einsteintelescoop is geen gewone telescoop maar een stelsel van ondergrondse tunnels in driehoekvorm, ongeveer 300 meter diep, bedoeld om zwaartekrachtgolven met veel grotere precisie te meten. Wetenschappers wijzen het gebied rond het Drielandenpunt aan als gunstig voor zulke metingen. De totale investering wordt op circa 2 miljard euro geschat; Nederland heeft al 870 miljoen gereserveerd uit het Nationaal Groeifonds. Het resterende geld moet komen van Belgische en Duitse overheden en de EU. Naar verwachting levert het project ongeveer tweeduizend banen op in de regio.
Minister Rianne Letschert benadrukt dat de keuze wetenschappelijk zal worden bepaald en niet politiek; een definitieve beslissing wordt niet voor 2027 verwacht. Ze vergelijkt het potentiële regionale effect met dat van CERN: langdurige economische en kennisimpulsen, samenwerkingsverbanden tussen onderzoekers, datawetenschappers en ingenieurs, plus mogelijk een bezoekers- en educatiecentrum. De telescoop moet de studie van zwaartekrachtgolven — voorspeld door Einstein in 1916 en pas een eeuw later aangetoond — aanzienlijk verbeteren en nieuwe inzichten in het heelal opleveren.