Kabinet overtrad beperking wapenexport die schending mensenrechten moest voorkomen

maandag, 2 maart 2026 (06:08) - Follow the Money

In dit artikel:

Voormalig ministers van Buitenlandse Handel Sigrid Kaag (D66) en Liesje Schreinemacher (VVD) hebben tussen 2020 en 2023 herhaaldelijk uitzonderingen gemaakt op strengere Nederlandse regels voor wapen- en defensie-export, terwijl de Tweede Kamer had afgesproken die uitvoer juist strikter te toetsen. Dat blijkt uit beslisnota’s die onderzoeksplatform Follow the Money via de Wet open overheid opvroeg. De uitzonderingen betroffen onder meer leveringen aan de Verenigde Arabische Emiraten (VAE), die door VN-experts worden genoemd in verband met ernstige schendingen van het humanitair oorlogsrecht in de Jemenitische burgeroorlog.

Achtergrond: Kaag voerde eind 2018 een ‘presumption of denial’ (PoD) in voor de VAE — een beleidslijn waarbij export alleen werd toegestaan wanneer onomstotelijk kon worden vastgesteld dat goederen niet in Jemen gebruikt zouden worden. Die maatregel kwam voort uit de rol van de VAE in bombardementen op burgerdoelwitten, martelingen, inzet van kindsoldaten en een zeeblokkade die heeft bijgedragen aan massale hongersnood en cholera-uitbraken in Jemen.

Tegen die beleidslijn in werden vergunningen verleend voor onder meer radar-, communicatie- en vuurgeleidingssystemen die in Nederland terugkwamen voor reparatie en daarna weer uitvoerden moesten worden. Ambtenaren motiveren zulke toestemmingen vaak met het argument van ‘louter defensieve toepassing’ of dat het risico op gebruik in Jemen gering zou zijn. Critici, onder wie Frank Slijper van Pax, wijzen erop dat zulke systemen wel degelijk oorlogsmogelijkheden mogelijk maken en dat het essentieel blijft vast te stellen dat ze niet in Jemen terechtkomen — iets wat in veel gevallen onmogelijk is.

Concrete cijfers en voorbeelden uit het FTM-onderzoek: tijdens de PoD-periode werden acht vergunningen afgegeven voor radar- en communicatiesystemen naar de VAE met een gezamenlijke waarde van circa 14 miljoen euro. Eerder gaf het kabinet onder Kaag ook toestemming voor de uitvoer van AW-139-helikopters ter waarde van 82 miljoen euro naar Saudi Aramco, ondanks erkende onzekerheid over hun mogelijke bestemming. In 2023 stond Schreinemacher ook de uitvoer toe van onbemande vaartuigen voor mijnopruiming naar de VAE, hoewel intern werd genoteerd dat de toets aan het PoD-beleid ‘strikt genomen negatief’ uitviel.

Transparantieproblemen: veel details in de beslisnota’s zijn weggelakt — typen goederen, waarden en afnemers ontbreken meestal — waardoor openbaarmaking volgens onderzoekers weinig inzicht geeft in de daadwerkelijke afwegingen. Follow the Money concludeert dat kabinetten het PoD-beleid willens en wetens uitéénlegden en daarover niet volledig transparant waren richting de Tweede Kamer.

Beëindiging PoD en gevolgen: Schreinemacher schafte het PoD-beleid abrupt af in juli 2023 met het argument dat het deelname aan het Verdrag van Aken (Aachen-traktaat) noodzakelijk maakte. Dit verdrag bevordert industriële samenwerking tussen landen als Duitsland, Frankrijk en Spanje en maakt het mogelijk onderdelen vrijer over te dragen binnen de deelnemende staten. Tegenstanders vrezen dat aansluiting bij het verdrag Nederlandse exportcontroles versoepelt, omdat sommige partnerlanden bekendstaan als minder strikt in hun toetsing. Interne documenten tonen bovendien dat economische belangen — de waarde van transacties en mogelijke vervolgopdrachten — zwaar meewegen bij besluitvorming.

Slotbeeld: de nieuwe documenten illustreren een patroon waarin ethische zorgvuldigheid rond wapenexport op papier streng lijkt, maar in de praktijk door economische en diplomatieke overwegingen wordt ondermijnd. Met de opheffing van de PoD en de aansluiting bij het Verdrag van Aken bestaat het risico dat Nederlandse controles verder versoepelen, juist terwijl onderzoek blijft wijzen op de betrokkenheid van ontvangers bij ernstige mensenrechtenschendingen in conflicten zoals Jemen.