Kabinet-Jetten heeft zoet en zuur voor links en rechts

vrijdag, 30 januari 2026 (20:21) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

Na 93 dagen presenteren D66, VVD en CDA hun regeerakkoord: een minderheidskabinet dat zich profileert als een uitnodiging tot samenwerking. De belangrijkste verantwoordelijken zijn D66-leider Rob Jetten, VVD-leider Dilan Yeşilgöz en CDA’er Henri Bontenbal; informateur Rianne Letschert noemde de combinatie kansrijk en verwacht dat het kabinet vier jaar kan blijven zitten. Jetten omschreef de aanpak als „politiek met een uitgestoken hand” en riep oppositie en samenleving op mee te werken aan wetgeving.

De snelheid van de overeenkomst hangt direct samen met de keuze voor een minderheidsconstructie. Het kabinet beschikt in de Tweede Kamer over slechts 66 van de 150 zetels en zal per besluit meerderheden moeten zoeken, waardoor ministers voortdurend zullen moeten reiken naar oppositiefracties en maatschappelijke partijen. Tijdens de onderhandelingen bleek discipline: er waren geen lekken, wat duidt op eenheid binnen de drie partijen. Toch wacht de echte proef in de Kamer: oppositiepartijen hebben al hun wensen en bedenkingen kenbaar gemaakt, en ook bereidwilligen zullen voorwaarden stellen.

In inhoudelijk opzicht bevat het akkoord zowel links- als rechtsvriendelijke elementen. Links krijgt het schrappen van bezuinigingen op onderwijs en extra investeringen in milieu en natuur; rechts krijgt onder meer een strengere aanpak van asiel en migratie. Tegelijk zijn er pijnpunten voor beide zijden, zoals bezuinigingen op sociale zekerheid en zorg enerzijds en grote klimaat- en stikstofuitgaven anderzijds. De regering treedt aan in een periode waarin twee voorgaande kabinetten snel waren gevallen en grote dossiers, zoals het stikstofvraagstuk, al jaren stil liggen.

Of het experiment slaagt, hangt sterk af van een verandering in Haagse politiek: een kabinet dat zichzelf geregeld terugschroeft en een oppositie die vaker verantwoordelijkheid neemt. Die kwaliteiten zijn niet vanzelfsprekend, aldus betrokkenen — in de praktijk zal moeten blijken of de beloften van samenwerking standhouden.