Kabinet-Jetten activeert landelijk crisisplan olie door toenemende spanningen Midden-Oosten

zondag, 19 april 2026 (09:13) - Dagblad van het Noorden

In dit artikel:

Premier Rob Jetten en het kabinet schakelen maandag naar fase 1 van het Landelijk Crisisplan Olie vanwege oplopende spanningen in het Midden-Oosten en nieuwe meldingen van beschietingen op schepen in de Straat van Hormuz. Het is de eerste keer dat deze alerteringsfase wordt afgekondigd; het betekent dat de overheid zich achter de schermen voorbereidt op mogelijke verstoringen in de olie- en brandstofvoorziening, ook al is er nog geen acuut tekort in Nederland.

In fase 1 ligt de nadruk op monitoring en coördinatie: voorraadniveaus in opslag, aanvoerstromen en internationale ontwikkelingen worden extra gevolgd. Het kabinet zet een crisisstructuur op en betrekt het Nationaal Crisiscentrum. Ook worden intensievere gesprekken gevoerd met sectoren die veel brandstof gebruiken, zoals transportbedrijven, raffinaderijen en de landbouw.

Nederland speelt een belangrijke rol op de Europese oliemarkt door grote havens, opslagterminals en raffinaderijen (onder meer in Rotterdam). Het land importeert veel ruwe olie, verwerkt die en exporteert brandstoffen; vooral bij diesel en kerosine is Nederland netto-exporteur. Ambtenaren benadrukken dat er voorlopig geen fysieke tekorten zijn.

Het crisisplan kent meerdere escalatiestappen: in fase 2 volgt openlijke waarschuwing en vrijwillige oproepen tot zuinig gebruik; in fase 3 kunnen verplichtende maatregelen komen (zoals snelheidsverlagingen of productiebeperkingen); en in fase 4, de zwaarste fase, kan rantsoenering nodig zijn. Voorbereid wordt ook welke sectoren voorrang krijgen bij schaarste, zoals hulpdiensten, zorg, voedseltransport en defensie.

Tegelijk presenteert het kabinet een zogenoemd ’Iran-pakket’ om huishoudens en bedrijven deels te compenseren voor oplopende energie- en brandstofkosten. Accijnzen blijven gelijk, maar het pakket bevat onder meer een hogere onbelaste kilometervergoeding, lagere motorrijtuigenbelasting voor bestelbusjes, extra middelen voor een energienoodfonds en isolatiemaatregelen, en aanvullende steun- en leencapaciteit voor het mkb. De totale kosten moeten rond de 1 miljard euro blijven.