Kabinet houdt vast aan lagere startwaarde voor verhuurde woningen: bij een huis van €350.000 kan dat €12.600 tot €34.020 kosten
In dit artikel:
Verhuurders van woningen met een huurder die huurbescherming geniet, kunnen vanaf 2028 met een onverwachte belastingclaim te maken krijgen. Het kabinet wil dan in box 3 belasting heffen over het werkelijke rendement. Bij de verkoop van vastgoed wordt 36 procent belasting geheven over het verschil tussen de verkoopprijs en de startwaarde.
Voor een woning die op 1 januari 2028 al in bezit is, geldt de WOZ-waarde als startpunt. Omdat een verhuurde woning minder waard is dan een leegstaande woning, wordt die waarde nu en in het voorgestelde stelsel verlaagd met de leegwaarderatio. Als de huurder later vertrekt en de woning leeg wordt verkocht, kan daardoor een grotere belastbare winst ontstaan. Het kabinet bevestigt dit in antwoorden aan de Tweede Kamer en houdt vast aan de regeling. Volgens het kabinet houdt de WOZ-waarde geen rekening met de waardedruk door verhuur. Bezwaar tegen de WOZ-waarde blijft mogelijk; over aanpassing van de leegwaarderatiotabel wordt in 2026 geen besluit genomen.
Bij een WOZ-waarde van 350.000 euro en een jaarhuur van 11.400 euro bedraagt de ratio 90 procent en de startwaarde 315.000 euro. Verkoop voor 350.000 euro leidt dan tot 35.000 euro belastbare winst en 12.600 euro belasting. Bij een zeer lage huur kan de ratio 73 procent zijn; in hetzelfde voorbeeld loopt de belasting dan op tot 34.020 euro. De Tweede Kamer debatteert maandag over het Belastingplan 2027.
Vandaag Inside: René van der Gijp wil Marcos Leonardo eindelijk eens zien scoren: 'Ik ga de training bezoeken!'