Kabinet heeft weinig geld over op begroting om nieuwe crisis op te vangen
In dit artikel:
Het kabinet komt op papier volgend jaar net binnen de Europese begrotingsnorm met een tekort van 2,9 procent van het bbp, maar die cijfers zijn onzeker omdat de economische gevolgen van de oorlog in het Midden-Oosten nog niet zijn doorgerekend. Het conflict drijft al de zorgen over hogere energie- en andere prijzen op, en er groeit politieke druk om miljarden extra uit te geven aan compensaties—uitgaven die de begroting waarschijnlijk over de Europese grens zouden duwen als ze worden goedgekeurd.
In de voorjaarsnota verwerkt het kabinet zowel mee- als tegenvallers. Er is een structurele tegenvaller van circa 3 miljard euro, onder meer door meer arbeidsongeschikten en duurdere opvang van Oekraïense vluchtelingen en statushouders dan voorzien. Verder levert het uitstel van de inkomensafhankelijke eigen bijdrage in de Wmo en tegenvallende opbrengsten uit afgenomen criminele vermogens extra inkomstenverlies (ongeveer 284 miljoen).
Een meevaller zijn de lagere zorgkosten, wat ruimte geeft voor een lagere premie, maar het kabinet compenseert dat door hogere inkomstenbelasting en een stijging van de werkgeversbijdrage voor arbeidsongeschikten. Omdat dit kabinet net begonnen is, bevat de voorjaarsnota vooral de financiële uitwerking van het coalitieakkoord.