Justitieminister Van Weel krabbelt terug na rel over 'sensatiebeluste' agenten in zaak-Lisa: 'We hadden dat woord beter niet kunnen gebruiken'

vrijdag, 6 maart 2026 (18:44) - De Telegraaf

In dit artikel:

Justitieminister David van Weel probeert de ophef te temperen rond zijn verklaring dat zo’n 1.700 politiemensen in „het dossier” rond de vermoorde Lisa zouden hebben rondgesnuffeld. Van Weel zegt nu tegen De Telegraaf dat hij nooit de indruk wilde wekken dat al die agenten onterecht in het strafdossier hadden gekeken; met „dossier” bedoelde hij breder alles rondom de zaak. Hij erkent dat die woordkeuze ongelukkig was en excuses had verdiend als het anders overkwam.

Feit is dat strafdossiers afgeschermd zijn en niet door zulke aantallen collega’s te raadplegen zijn. Agenten wijzen erop dat het vooral ging om gegevens uit het Geïntegreerd Meldkamer Systeem (GMS) – meldingen, betrokken diensten en operationele aanwijzingen die veel collega’s bij live-incidenten kunnen zien en gebruiken, ook buiten hun directe werkgebied. De korpsleiding zei eerder „geen idee” waarom het woord dossier gebruikt werd en de woordkeus leidde tot felle reacties van agenten die zich onterecht publiekelijk aangeklaagd voelen.

Van Weel legt verantwoordelijkheid voor de mailing die 1.700 agenten bereikte bij de politie: die beslissing zou van de korpsleiding zijn. Tegelijk stelt hij dat er aanwijzingen waren dat in veel gevallen inzage niet direct werkgerelateerd was. Betrokkenen kregen brieven waarin hen werd gevraagd te verklaren waarom ze in systemen keken; volgens de minister zijn ze daarmee niet meteen beschuldigd.

In de Tweede Kamer worden vragen voorbereid: Ingrid Coenradie (JA21) wil opheldering bij het vragenuurtje en verwijst naar Van Weels ervaring in het departement; Songül Mutluer (GL/PvdA) stelt Kamervragen omdat het «onverteerbaar» zou zijn als informatie onnodig breder circuleert en eist duidelijkheid over wie wat heeft ingezien en waarom.