Joodse kunstenaar Arkadi Natanov uit Barneveld schildert herinneringen aan zijn leven in Oezbekistan
In dit artikel:
De Barneveldse kunstenaar Arkadi Natanov, geboren in 1954, schildert nog altijd volop. In zijn expressionistische, kleurrijke werk verwerkt hij herinneringen aan zijn jeugd in Buchara, Oezbekistan, en thema’s als armoede, vlucht, ontheemding, liefde en de zoektocht naar veiligheid.
Opvallend in zijn schilderijen zijn de buitenproportioneel grote handen en voeten. Die verwijzen naar Joodse mensen die door zwaar werk en armoede proberen het hoofd boven water te houden. Ook gebruikt Natanov veel symbolen uit het jodendom, zoals de Klaagmuur, de sabbat, de Torarollen, keppeltjes en de viering van Soekot. De kip die regelmatig terugkomt, verwijst naar het vangen van een kip voor een koosjere maaltijd. Vlinders staan voor de overgang van gevangenschap naar vrijheid.
Natanov groeide op in een arm Joods gezin in het historische Buchara, dat toen deel uitmaakte van de Sovjet-Unie. Zijn vader stierf jong. Vanaf zijn zevende tekende hij op inpakpapier en gebruikte hij bij gebrek aan penselen een tandenborstel. Na tekenlessen en zijn militaire dienst studeerde hij aan de Academie voor Schone Kunsten in Krasnojarsk, Siberië, waar hij de klassieke schildertechnieken leerde.
De opleiding stond volledig in het teken van het socialistisch realisme. Kunstenaars moesten volgens het staatsprogramma uitsluitend vrolijke en tevreden mensen schilderen; kunst diende als propaganda. Westerse kunstenaars werden gewantrouwd en veel werk, onder anderen van Van Gogh en Dalí, was verboden. Na zijn afstuderen in 1981 experimenteerde Natanov in Buchara daarom in het geheim met een kleine groep kunstenaars met nieuwe, niet-officiële kunstvormen. Daarvoor bestond nauwelijks een markt.
De groeiende aantrekkingskracht van het Westen viel samen met een toenemend gevoel van onveiligheid voor de Joodse gemeenschap. Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 1991 leidden nationalisme, economische onzekerheid en sociale spanningen tot een grote emigratiegolf. Natanov en zijn gezin vertrokken dat jaar uit Oezbekistan en lieten vrijwel al hun bezittingen achter. Hij nam zeven schilderijen mee, voorzien van het Sovjetstempel ‘niks waard’; juist die werken hebben voor hem grote emotionele betekenis.
Na hun aankomst in Nederland verbleven de Natanovs eerst in een noodopvang in Oldemarkt en daarna in Putten. Zijn muurschilderingen daar trokken publieke belangstelling. In 1994 vestigde het gezin zich in Barneveld, waar een schuur tot atelier werd verbouwd. Met steun van onder anderen kunstverzamelaar Rudi Fuchs en Edward van Voolen werd het Nederlanderschap voor het gezin mede mogelijk gemaakt.
Natanov woont inmiddels al ruim dertig jaar in Barneveld, samen met zijn vrouw Anna. Zijn schilderijen tonen onder meer geliefden, rabbi’s, arbeiders, vluchtelingen en alledaagse figuren. Een groot, nog niet voltooid werk brengt het boeddhisme, jodendom, christendom en de islam samen. Dat schilderij wordt in maart geëxposeerd in Museum Nairac in Barneveld. Vanaf het najaar is ook ander werk van Natanov te zien in Museum Sjoel Elburg.
Vandaag Inside: Oncoloog Joost Boormans bij Vandaag Inside: ‘De ontwikkelingen rond kanker gaan nu echt heel snel’