Jongste generatie van de F-side heeft vaak criminele banden en is lastig te traceren voor club en politie
In dit artikel:
Vlak voor het beginsignaal van Ajax–FC Groningen circuleerde een screenshot van een WhatsApp-bericht waarin de recent overleden Ajax-supporter Thijmen Ruben Pfann (29), bijgenaamd Tum, als wens had dat een wedstrijd volledig gestaakt zou worden. In de vijfde minuut zetten supporters van de F-side die wens om in actie: een deel van de tribune veranderde in een oranjerode vuurwerkzee, vuurpijlen werden richting het veld en andere vakken gelanceerd en toeschouwers raakten in gevaar. Ajax-directeur Menno Geelen stelde achteraf dat mensen bewust in gevaar zijn gebracht.
Tum was lid van Amsterdam 5th Hooligans, een van de jongere, meer actiegerichte groepen binnen de harde kern van Ajax. De F-side is niet één homogene groep maar een versplinterde verzameling: volgens onderzoek bestaan er inmiddels zes ‘generaties’ hooligans, elk met enkele honderden aanhangers. Die generaties overlappen in de zuidtribune van de Johan Cruijff Arena en hebben verschillende culturele achtergronden; oudere generaties zijn grotendeels verdwenen als bron van incidenten, maar de jongste groepen – waaronder Amsterdam 5th Hooligans en de Amsterdam Casuals – komen volgens het Auditteam vaker in aanmerking voor ‘gewelddadig voetbalgerelateerd wangedrag’ en zijn ook buiten het stadion bij criminaliteit betrokken.
De versnippering maakt het lastig voor clubs en politie om aanspreekpunten te vinden. Sinds dit seizoen is het aanstellen van een Supporters Liaison Officer (SLO) verplicht gesteld door de KNVB om beter contact met harde kernleden te houden en escalatie te voorkomen, maar juist bij Ajax is er geen eenduidig leiderschap of spreekbuis. Nieuwe subgroepen opereren gesloten, vaak met bivakmutsen en vermomd gezicht op beeld, zodat individuele daders moeilijk te identificeren zijn. Ook zou voor de politie het onderwerp de afgelopen jaren een lagere prioriteit hebben gekregen, waardoor informatie voor clubs afneemt.
De F-side kent een lange en soms gewelddadige geschiedenis: in latere generaties liepen geregeld criminelen mee, met bekende namen uit het verleden die van zware misdrijven werden verdacht of slachtoffer werden van geweld. Dat historische profiel draagt bij aan de moeilijkheid om huidige incidenten eenduidig toe te schrijven. Het Auditteam overweegt nader onderzoek naar het vuurwerkincident bij Ajax–Groningen.
Sociologen en oud-hooligans verklaren het gedrag uit sterke groepsbinding, hiërarchie en een cultuur van niet ‘snitchen’: loyaliteit en kameraadschap staan centraal en regels van buiten het stadion gelden hier minder. Negatieve media-aandacht kan de status van deelnemers juist verhogen en nieuwe aanwas aantrekken doordat incidenten spanning en sensatie uitstralen. Tegelijkertijd zien sommige betrokkenen dat de jongere garde vaak minder fysiek gewelddadig is dan vroeger; strengere sancties zoals stadionverboden remmen bepaalde vormen van overlast af.
In de nasleep probeert Ajax eerst daders op te sporen; er zijn al verdachten geïdentificeerd. De club kondigde aan aangifte te doen tegen zeker tien mensen en de Amsterdamse burgemeester Femke Halsema wil dat het ministerie van Justitie & Veiligheid onderzoek instelt. Daarnaast is besloten om de F-side leeg te laten tijdens het topperduel Ajax–Feyenoord op 14 december. Voorkomen van herhaling blijft lastig: energieke, besloten subculturen binnen de fanbasis, gecombineerd met de roem die incidenten soms opleveren, vormen een complex probleem waar zowel handhaving, clubs en dialoog met supporters nodig zijn om echte stappen te zetten.