Jesse Jackson (84) was boegbeeld van zwarte gemeenschap in VS

dinsdag, 17 februari 2026 (16:52) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

Jesse Jackson (geboren Jesse Louis Burns, 1941) groeide op in het gesegregeerde Amerika en maakte die tweederangspositie van nabij mee: als kind werd hij opgepakt toen hij met vrienden een 'witte' bibliotheek binnenging. Zijn jeugd en ervaringen met discriminatie waren bepalend voor zijn leven en carrière. Nadat zijn moeder hertrouwde en hij werd geadopteerd door Charles Henry Jackson, doorliep hij een opleiding aan eerst een voornamelijk witte universiteit in Illinois en later aan een historically black college in North Carolina. Als student raakte hij betrokken bij de burgerrechtenbeweging en liep hij mee in protesten van Martin Luther King Jr., die voor hem een belangrijke inspiratiebron bleef.

Jackson werkte voor de Southern Christian Leadership Conference (SCLC) en leidde in Chicago Operation Breadbasket, de economische tak van de beweging. Na de moord op King in Memphis (4 april 1968) en een machtsstrijd binnen de SCLC richtte hij zijn eigen organisatie op: People United to Save Humanity (PUSH). Met PUSH en later de Rainbow Coalition zette hij zich in voor economische verbetering en gelijke rechten voor achtergestelde groepen, waaronder Afro-Amerikanen, vrouwen en homoseksuelen.

Twee keer stelde Jackson zich kandidaat voor de Democratische presidentsnominatie (1984 en 1988). Hoewel hij niet werd gekozen, verplaatsten zijn campagnes belangrijke thema’s — economische ongelijkheid, onderwijs, gezondheidszorg en buitenlands beleid — naar het hart van het politieke debat en inspireerden ze later bewegingen die leidden tot de verkiezing van Barack Obama. International speelde Jackson ook een rol: hij sprak zich tegen apartheid uit, pleitte voor een Palestijnse staat en bemiddelde bij vrijlating van Amerikaanse gevangenen in gebieden als Syrië, Irak en het voormalige Joegoslavië. In 1997 benoemde president Bill Clinton hem tot speciaal gezant voor Afrika.

Zijn koers kende ook controverse. Critici vonden hem mediageil en polariserend; sommige uitspraken werden als kwetsend ervaren. Binnen de beweging bestonden meningsverschillen over strategie en leiderschap. Theologisch was Jackson geworteld in de zwarte bevrijdingstheologie: God aan de kant van de onderdrukten, en geloof onlosmakelijk verbonden met sociale gerechtigheid. Hoewel hij geen afgeronde theologische opleiding had, werd hij in 1968 als predikant bevestigd.

Privé kwam Jackson onder druk door een buitenechtelijk kind en fysiek kreeg hij het later moeilijk: bijna tien jaar geleden werd een aan Parkinson gerelateerde aandoening vastgesteld, waardoor hij zich minder in het openbaar vertoonde. Zijn levenslange boodschap bleef gelijk: vrijheid is niet genoeg zolang gelijkheid ontbreekt — „We zijn nu vrij, maar niet gelijk.” Daarmee vatte hij de kern van zijn inzet voor structurele verandering samen.