Jeruzalemdag. Marja Vuijsje, geen fan van het zionisme, belt haar broer in Israël

woensdag, 23 september 2026 (00:00) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

Marja Vuijsje en haar broer Wim wonen aan weerszijden van een steeds dieper politiek meningsverschil. Wim verruilde Amsterdam voor Jeruzalem en viert daar Jeruzalemdag, de Israëlische nationale feestdag waarop de verovering van Oost-Jeruzalem tijdens de Zesdaagse Oorlog van 1967 wordt herdacht. Vuijsje nam onlangs deel aan een grote Rode Lijn-demonstratie in Den Haag, waar meer dan honderdduizend mensen de Nederlandse regering opriepen politieke en economische druk uit te oefenen op Israël vanwege het geweld in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever. Wim ziet haar standpunt als een mogelijke steun aan Hamas, terwijl zij juist vindt dat solidariteit met Israëliërs en Palestijnen die samen voor gelijke rechten en een einde aan het bloedvergieten strijden, voortkomt uit liefde voor Israël.

Tijdens hun telefoongesprek halen broer en zus herinneringen op aan de Nederlandse euforie rond de Israëlische overwinning in 1967. Israël veroverde in zes dagen Oost-Jeruzalem, de Sinaï, de Gazastrook, de Golanhoogte en de Westelijke Jordaanoever. Aan Arabische zijde vielen ongeveer twaalfduizend doden, tegenover bijna achthonderd Israëlische doden. In Nederland werd de overwinning breed gevierd. Israël werd destijds, mede door schuldgevoel over de Holocaust, gezien als een progressief en bedreigd land: de kibboetsen golden als egalitaire gemeenschappen en Moshe Dayan groeide uit tot een held. Politieke partijen, vakbonden en burgers zamelden geld in of betuigden op andere manieren steun.

De gevolgen voor Palestijnen en andere nabestaanden kregen veel minder aandacht. Honderdduizenden Palestijnen belandden in vluchtelingenkampen en de bezette gebieden kwamen onder Israëlisch militair bestuur. Inmiddels is Jeruzalemdag sinds 1998 een officiële feestdag, maar de viering valt samen met de oorlog in Gaza, de gijzeling van Israëliërs sinds 7 oktober 2023 en geweld van extreemrechtse kolonisten tegen Palestijnen in Oost-Jeruzalem.

De herinneringen zijn voor Vuijsje ook persoonlijk. Als twaalfjarige zong zij enthousiast mee met ‘Jeruzalem van goud’, een lied dat na de oorlog in Nederland populair werd. Haar vader, die een sterke maar ambivalente band met Israël had, maakte er zelfs een arrangement voor trombone en blokfluit van. De familie was joods, maar niet religieus; Israël, de herinnering aan de Shoah en enkele joodse gebruiken vormden samen een belangrijk onderdeel van hun identiteit. Haar broer koos uiteindelijk definitief voor een leven in Jeruzalem, terwijl hun vader vond dat hij beter in Amsterdam had kunnen blijven.

In het telefoongesprek zingen Wim en Marja eerst regels uit ‘Jeruzalem van goud’. Daarna brengt Marja een ander Hebreeuws lied ter sprake: ‘Lo yisa goi el goi cherev, lo yilmedu od milchama’. De tekst komt uit Jesaja 2:4 en betekent dat geen volk nog het zwaard tegen een ander zal opnemen en dat mensen zich niet meer op oorlog zullen voorbereiden. Het vredeslied wordt door Israëlische en joodse vredesactivisten gezongen, maar Wim herkent het zonder bezwaar en zingt mee. Hun gedeelde muziek overstijgt voor even hun politieke verschil.

Vuijsje kijkt terug op hoe vanzelfsprekend haar eigen loyaliteit aan Israël vroeger was. Op school en in het linkse milieu waarin zij opgroeide, liepen solidariteit met Israël en verzet tegen de Vietnamoorlog moeiteloos naast elkaar. Later raakte zij die loyaliteit kwijt door de bezetting, het geweld en de huidige Israëlische politiek. Toch blijft Israël verbonden met haar familiegeschiedenis en joodse identiteit. De tegenstelling tussen haar en Wim wordt daardoor niet opgelost, maar krijgt in hun gezamenlijke gezang een tijdelijke, kwetsbare vorm van verbondenheid. De Messiaanse wereldvrede uit het lied van Jesaja laat ondertussen nog altijd op zich wachten.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Johan Derksen snapt prinses Alexia wel: ‘Zij heeft tenminste karakter!’