Jeroen Pen (38) was als puber al verslaafd aan adhd-medicatie: 'Aan het einde van de dag had ik dertig pillen geslikt'

zaterdag, 9 mei 2026 (03:31) - Het Parool

In dit artikel:

In Nederland slikken naar schatting zo’n 360.000 mensen medicatie tegen ADHD. Journalisten en ervaringsdeskundige Jeroen Pen (38) waarschuwt in zijn nieuwe boek voor het gemak waarmee ouders, leraren en artsen tot pillen grijpen. Wat voor hem begon als ritalin in de brugklas, eindigde jaren later in een levensgevaarlijke verslaving aan dexamfetamine.

Op zijn dertiende kreeg Pen na een korte test bij een kinderpsychiater in Amstelveen een voorschrift: een periode met en zonder medicatie waarin de ‘met-pillen’-toestand beter uitpakte. Dat leek de zaak te verklaren en de pillen werden voorgeschreven. Pen beschrijft hoe zijn onrustige gedrag — op school druk, grapjes makend, afgeraden naar een hoger niveau te gaan — snel werd geïnterpreteerd als een medische kwestie waarvoor medicatie de oplossing was. De omgeving, van ouders tot overwerkte docenten, accepteerde het advies van specialisten zonder veel weerwerk.

De eerste ervaringen waren dubbel: de medicatie maakte hem prettig scherp en minder storend, maar ook somber en lichamelijk belastend (droge mond, hartkloppingen). Al jong ontdekte hij dat de pil niet alleen hulpmiddel maar ook beloning kon zijn. Een omslagmoment kwam op een schoolklus waarbij hij dertig pillen slikte om door te werken; het lukte, en dat gevoel van ‘werkt’ werd een drijfveer. Naarmate hij ouder werd kreeg hij opnieuw medicatie (dexamfetamine), dit keer voorgeschreven door psychiaters en later de huisarts. In drukke periodes was hij op het werk opvallend productief — maar tezelfdertijd bouwde hij afhankelijkheid op. Op zijn dieptepunt had hij enorme hoeveelheden pillen in huis: 360 tabletten, ruim 1.800 mg, een dosis waarmee hij naar eigen zeggen letterlijk de dood kon vinden.

Pen legt de vinger op meerdere pijnpunten: hoe snel gedragsbeschrijvingen als een medische verklaring worden gepresenteerd, het gebrek aan structurele aandacht voor niet-medicamenteuze alternatieven, en het ontbreken van waarschuwingssignalen bij voorschrijvers en apothekers. Hij zegt dat ADHD vooral een beschrijving van gedrag is en geen eenduidig biologisch aantoonbare ziekte; dat idee gaf hem destijds een geruststelling — maar ook afhankelijkheid: “ik dacht: ik heb een hersenafwijking die alles verklaart… dus laat ik die pillen maar nemen.” Tegelijk erkent hij dat medicatie voor sommige mensen waardevol kan zijn.

De verslaving leidde tot ernstige persoonlijke schade: slapeloosheid (een periode van tien dagen wakker liggen waardoor hij zich “meer dood dan levend” meldde bij de psychiater), gewichtsverlies, relatieproblemen en het tekortschieten als ouder en professional. Na een periode van afkicken en een terugval — mede mogelijk gemaakt door online verkrijgbaarheid van dexamfetamine — vond hij uiteindelijk hulp bij een psycholoog met ervaring in verslavingszorg. Pen noemt motivatie uit verantwoordelijkheid voor zijn twee jonge dochters als belangrijke steun om clean te blijven.

Het boek is volgens Pen zowel biecht als waarschuwing: geen veroordeling van medicatie in alle gevallen, maar een oproep tot terughoudendheid en betere reflectie bij ouders, leraren en artsen voor ze pillen als eerste optie kiezen. Hij wil laten zien hoe signalen van overmatig gebruik niet werden opgepikt en hoe een medicatiecultuur met een blind vertrouwen in tabletten kan leiden tot eenzame, ingekapselde verslavingen.

Aanvullende context: de middelen die Pen gebruikt — onder andere methylfenidaat (Ritalin) en dexamfetamine — behoren tot stimulerende stoffen die bij juiste indicatie aandacht en impulscontrole kunnen verbeteren, maar ook risico’s kennen zoals afhankelijkheid, stemmingswisselingen en hartkloppingen. Pen pleit ervoor eerst andere interventies te onderzoeken (gedragstherapie, schoolaanpassingen, gezins- en leerkrachtondersteuning) en goed te letten op bijwerkingen en signalen van misbruik.

Speedpillen, de schaduwzijde van adhd-medicatie verschijnt bij Uitgeverij Pluim; Pen wil met zijn verhaal vooral professionals en ouders aansporen twee keer na te denken voordat ze “de pot met pillen op tafel” zetten.