Je kunt niet weglopen van je verleden, laat 'Zo ver heen' van Jess Walter zien
In dit artikel:
Jess Walter’s roman So Far Gone (Nederlandse titel Zo ver heen) volgt de zestiger Rhys Kinnick, een voormalig onderzoeksjournalist die zich op Thanksgiving Day 2016 terugtrekt op het plattelandslandgoed van zijn grootvader. Kinnick leeft zonder elektriciteit of internet en wijdt zich aan het schrijven van een Atlas der wijsheid, geïnspireerd door Thoreau-achtige terugtrekking. De aanleiding is prozaïscher en pijnlijker: tijdens een familiediner slaat hij zijn schoonzoon Shane, een christenfundamentalist en complotdenker, en verlaat daarop zijn gezin.
Het verhaal ontvouwt zich wanneer zeven jaar later twee kleinkinderen, puber Leah en haar broertje Asher, bij Kinnick aankloppen omdat hun moeder Bethany verdwenen is. Shane blijkt lid van de Kerk van het Heilig Vuur, die een gewapende militie, het Leger van de Heer, onderhoudt; zijn antisemitische en paranoïde denkbeelden en het groeiende klimaat van sektarisch denken en wapenfervor blijken gevaarlijk en gewelddadig. Kinnick wordt geconfronteerd met de wereld waarvan hij dacht te zijn weggevlucht: de militie ontvoert de kinderen naar een kamp in Idaho waar meisjes onder de achttien uitgehuwelijkt kunnen worden. Gedwongen terug te keren naar het publieke domein, zoekt hij hulp bij oude vrienden — onder wie een redactrice en een lid van de Spokane-stam — om zijn kleinkinderen en dochter te vinden.
Leah, bewonderend tegenover haar opa en ambitieus als beginnend schrijfster, voorziet in haar jeugdverhalen een post-apocalyptische setting die sterk echoot met de realiteit van Walters roman. De zoektocht mondt uit in een gewelddadige confrontatie: Shane belandt door wapengeweld in een definitieve nederlaag, maar de maatschappelijke en politieke ontwrichting blijft bestaan. Kinnick komt tot het inzicht dat terugtrekking geen duurzame optie is; verantwoordelijkheid voor anderen blijkt onontkoombaar.
De recensie plaatst Walters’ boek in een traditie van Amerikaanse romans die de botsing tussen georganiseerde arbeiders en grootkapitaal belichten en ziet Zo ver heen vooral als een waarschuwing: de historische patronen van geweld, polarisatie, complottheorieën, antisemitisme, sektarisme en wapenextremisme herhalen zich in de eenentwintigste eeuw. Walters combineert familie- en roadnovel-elementen met een scherp oog voor de hedendaagse politieke apocalyps, waarbij hij zowel persoonlijke als maatschappelijke schade toont zonder een gemakkelijke moraliserende oplossing te bieden.