Je kind woont in een zorginstelling: wanneer kun je dubbele kinderbijslag krijgen?

dinsdag, 22 september 2026 (16:37) - Dagelijkse Standaard

In dit artikel:

Ouders van een kind dat door ziekte of een handicap in een instelling woont, kunnen onder voorwaarden dubbele kinderbijslag krijgen. De SVB beoordeelt daarbij niet alleen de diagnose of het verblijf, maar ook de financiering van de zorg, de aanwezigheid van de ouders en hun eigen onderhoudskosten.

Voor de regeling moet het kind als uitwonend gelden. Dat is doorgaans het geval wanneer het minstens vier nachten per week niet thuis slaapt. Bij een ziekenhuisopname korter dan zes maanden blijft het kind meestal thuiswonend; bij een langere opname kan het als uitwonend worden aangemerkt. Als vanaf het begin duidelijk is dat de opname langer duurt, kan dat direct gelden. Wanneer beide ouders samen 46 dagen of meer per kwartaal bij het kind verblijven, ziet de SVB het kind voor deze regeling juist niet als uitwonend. Alle bezoek- en verblijfsdagen worden opgeteld, ook wanneer die over twee kwartalen lopen.

Daarnaast moeten de ouders zelf minimaal 1.432 euro per kwartaal aan onderhoud besteden. Het gaat bijvoorbeeld om kleding, vervoer, schoolspullen en persoonlijke uitgaven. Kosten die de instelling ontvangt via de Wet langdurige zorg, Jeugdwet of zorgverzekering tellen niet als ouderlijke onderhoudskosten. Ouders doen er daarom goed aan facturen, bankafschriften en een overzicht per kwartaal te bewaren.

De regeling voor een uitwonend kind verschilt van die voor een thuiswonend kind met een intensieve zorgbehoefte. Een eerdere afwijzing in de ene situatie bepaalt daarom niet automatisch de uitkomst in de andere. Bij twijfel kunnen ouders de SVB vooraf vragen welke bewijsstukken nodig zijn.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Johan Derksen enthousiast over Oranje-international: ‘Prettiger dan Memphis’