Je bent jong en wordt buitenlandcorrespondent: 'Kwestie van brutaal mailen, leuren en langsgaan'
In dit artikel:
Steeds meer Nederlandse buitenlandcorrespondenten vertrekken niet met een vast contract, maar bouwen vanuit het buitenland een freelancebestaan op. Dat biedt vrijheid en toegang tot uiteenlopende media, maar vraagt ook om doorzettingsvermogen, ondernemerschap en een financiële buffer. Drie jonge correspondenten vertellen over hun ervaringen.
Erik-Jan van Drieënhuizen (28) verhuisde vier jaar geleden met zijn vriendin naar Marseille. Hij werkte aanvankelijk bij een Frans brillenmerk en schreef daarnaast een blog over onder meer de Franse politiek. Na publicaties in Nederlandse media en een pitchcursus zegde hij zijn baan op. Eerst verdiende hij slechts ongeveer 20 procent van zijn inkomen met journalistiek en werkte hij ook als stadsgids. Inmiddels schrijft hij voor verschillende Nederlandse tijdschriften. Volgens hem begint de carrière vaak met kleine, slecht betaalde opdrachten, die later toegang geven tot grotere bladen. Pitchen en netwerken zijn daarbij cruciaal. Ook adviseert hij freelancers onderwerpen te kiezen die gevestigde correspondenten laten liggen, zodat ze aanvullend werk leveren in plaats van met hen te concurreren.
Noah Moeys (29) verhuisde een half jaar geleden met haar vriend naar Arequipa in Peru. Voor haar vertrek bezocht ze redacties, ging ze naar conferenties en maakte ze bekend dat ze correspondent wilde worden. Vanuit Peru werft ze vooral digitaal opdrachten met pitches. Een zogenoemde cold pitch leidde al tot een reportage in de Belgische krant De Standaard. Hoewel ze liever in vaste dienst was begonnen, ziet ze freelancen als een manier om wereldwijd verhalen aan te bieden. Ze richt zich onder meer op onderzoeksjournalistiek, waarbij ze financiële stromen en bedrijven onderzoekt. Dat werk kost veel tijd en levert pas geld op na publicatie. Radio-opdrachten bieden daarom welkome, snelle inkomsten. Ook buitenlandse media kunnen financieel aantrekkelijker zijn dan Nederlandse en Belgische opdrachtgevers.
Eugenie D’Hooghe (31) werkt sinds bijna drie jaar als freelancecorrespondent voor het Midden-Oosten. Nadat ze eerder als documentairemaker tussen België en de regio pendelde, verhuisde ze voor De Tijd naar Jeruzalem. Een week na haar start, op 7 oktober 2023, viel Hamas Israël aan. Om voldoende te verdienen werkte ze aanvankelijk ook voor radio en televisie. Inmiddels schrijft ze daarnaast voor Trouw en Het Financieele Dagblad, wat haar meer financiële ruimte geeft en ervoor zorgt dat ze minder zelf hoeft te pitchen. Wel moet ze voortdurend plannen en onderhandelen over deadlines, tarieven en kosten.
D’Hooghe benadrukt dat een persoonlijke band met redacties belangrijk is. Ze bezoekt opdrachtgevers daarom ongeveer jaarlijks. Van Drieënhuizen heeft zijn redacties nog niet fysiek ontmoet, maar probeert opdrachtgevers wel goed te leren kennen door te onderzoeken wie pitches behandelt en welke onderwerpen die persoon interessant vindt. Alle drie zien ze financiële onzekerheid als het grootste probleem. Inkomsten kunnen maanden op zich laten wachten, terwijl freelancers zelf verantwoordelijk zijn voor facturen, onderhandelingen en reis- en productiekosten. Een ruime buffer en een concreet plan zijn daarom noodzakelijk: werken als correspondent draait niet alleen om mooie verhalen en vrijheid, maar ook om zakelijk inzicht en ondernemerschap.
Vandaag Inside: Tina Nijkamp houdt het niet meer na opmerkingen van Valentijn Driessen: 'Sorry!'