Jarenlang veel te hoge cijfers over geweld tegen boa's geregistreerd
In dit artikel:
Onderzoek van Controle Alt Delete maakt duidelijk dat Amsterdam tot september 2024 geweldsincidenten tegen boa’s (buitengewoon opsporingsambtenaren) onjuist registreerde. Door een extra invuloptie in het registratiesysteem GIR (‘niet van toepassing’) werden meldingen ten onrechte als fysiek geweld opgeslagen. Daardoor waren de cijfers die de gemeenteraad en het publiek kregen veel te hoog.
De fout viel al in 2024 op omdat aantallen fysiek geweld niet overeenkwamen met politiedossiers; het systeem is daarna aangepast, maar die correctie werd niet gedeeld. Controle Alt Delete vroeg nieuwe data op en concludeerde dat eerdere rapportages onbetrouwbaar zijn. De organisatie heeft de gemeente inmiddels van de gecorrigeerde cijfers voorzien.
De onnauwkeurige registratie raakt direct aan een gevoelig onderwerp: de proef met de korte wapenstok voor boa’s in het centrum (januari 2024–eind 2025), onderdeel van een landelijke pilot. Bij de aanvraag werd gesteld dat circa 8 op de 10 boa’s te maken had met agressie en geweld; volgens de gecorrigeerde cijfers ligt dat dichter bij 4 à 5 op de 10. Onderzoeker Jair Schalkwijk: “Opnieuw blijkt dat fysiek geweld tegen boa’s fors lager is dan eerder gedacht. Dat zou moeten leiden tot een heroverweging van de invoering van de wapenstok.”
De proef met de wapenstok werd in december beëindigd; onderzoeksbureau O&S maakt een eindevaluatie waarna burgemeester Femke Halsema besluit of de wapenstok terugkeert. De fout in de registratie heeft geleid tot raadsvragen van D66, De Vonk, GroenLinks en Denk; D66-fractievoorzitter Rob Hofland wil duidelijkheid over welke rol de fout heeft gespeeld bij het invoeren van de wapenstok.
Context: de zaak benadrukt hoe administratieve keuzes beleidsbeslissingen kunnen beïnvloeden en zet de discussie over bewapening van handhavers opnieuw op scherp.