Is er toekomst voor de deelfiets in Amsterdam? Buurthub was er voor bewoners, maar veel hubs halen niet eens één rit per dag
In dit artikel:
In 2021 stelde Amsterdam in de Hubvisie een ambitieus doel: buurthubs moeten bewoners binnen vijf minuten lopen toegang geven tot deelscooters, deelfietsen of deelbakfietsen, als alternatief voor eigen auto’s. De Amsterdamse Rekenkamer concludeert echter dat die ambitie niet is waargemaakt. Tot juni 2025 werden er slechts 23 buurthubs gerealiseerd met ruimte voor zo’n driehonderd deelvoertuigen — tegenover ongeveer 268.000 personenauto’s in de stad — en het totale effect op autogebruik is daardoor verwaarloosbaar.
Observaties van de Rekenkamer tonen meerdere problemen. In vier hubs troffen onderzoekers geen enkel voertuig aan; veel hubs hadden slechts één type deelvervoer terwijl het beleid minimaal twee soorten per locatie voorstond. Van de tweewielers die men aantrof, bleek ruim 40% privébezit van omwonenden: ze stonden geparkeerd als gewone fietsenstallingen. Hubs hebben geen aparte juridische status, waardoor handhaving tegen foutparkeren of misbruik moeilijk is. Gebruikscijfers zijn laag: bijna de helft van alle ritten in de eerste helft van 2025 begon bij de Appeltjesmarkt (de enige hub in het centrum), veel andere hubs genereerden gemiddeld minder dan één rit per dag. De hubs zijn bovendien ongelijk over de stad verdeeld; bijna de helft bevindt zich in Nieuw-West, Noord en Zuidoost, terwijl dichtbebouwde wijken met de grootste druk op openbare ruimte vaak leeg blijven.
De Rekenkamer wijst ook op bestuurlijke onzekerheid als belangrijke oorzaak. De gemeente worstelde met wezenlijke vragen over deelmobiliteit — vervangen deelscooters autokilometers of juist fietsritten, zijn deelfietsen bedoeld voor bewoners of trekken ze vooral toeristen aan, en hoeveel regie heeft de gemeente over aanbieders? Die onduidelijkheid leidde tot een terughoudende aanpak: veel pilots maar geen duidelijke koers. De politieke wens om veel invloed te houden op vergunningen versterkte die verlammende onzekerheid en ontmoedigde investeringen van aanbieders. Begin 2025 stopten enkele grote spelers in korte tijd activiteiten in Amsterdam (Go Sharing, Baqme deels, Cargoroo faillissement).
De deelfiets bleek vooral populair bij toeristen; lokale verhuurders klaagden over oneerlijke concurrentie en stapten naar Brussel. De gemeente concludeerde dat er geen doorslaggevend bewijs is voor nut en noodzaak van deelfietsen en besloot ze vanaf april 2026 voorlopig uit buurthubs te halen, wat sommige hubs tot deelscooterlocaties dreigt te maken.
De Rekenkamer zegt niet dat buurthubs per se nutteloos zijn — bij opschaling en duidelijke keuzes kunnen ze overlast verminderen en autogebruik terugdringen — maar benadrukt dat onderzoek alleen niet genoeg is: politieke besluitvorming is nodig. Wethouder Melanie van der Horst accepteert de meeste aanbevelingen en kondigt aan de komende twee jaar vijftig nieuwe hubs te willen realiseren in Nieuw-West, Noord, Zuidoost en op IJburg. De gemeenteraad debatteert na de zomer over het rapport en de toekomst van de hubs.