Iran vuurt raketten af op Koeweit en Bahrein, VS slaan terug
In dit artikel:
Iranische strijdkrachten hebben meerdere ballistische raketten afgevuurd richting Koeweit en Bahrein, waarbij volgens het leger mensen gewond raakten en terminal 1 van een luchthaven aanzienlijke schade opliep. De Iraanse Revolutionaire Garde (IRGC) verklaarde daarnaast met raketten en drones het hoofdkwartier van de Amerikaanse Vijfde Vloot en een Amerikaanse luchtmachtbasis te hebben aangevallen; staatsmedia noemen dit een vergeldingsactie voor een Amerikaanse aanval op een IRGC-communicatietoren bij het eiland Qeshm. Het Amerikaanse centrale commando in de regio (CENTCOM) bevestigde dat het die toren had geraakt en zegt dit te hebben gedaan nadat eerdere Iraanse aanvallen op Koeweit en Bahrein volgens Washington waren mislukt.
In dezelfde escalatie vuurde de Iraanse marine op een vrachtschip dat als Panaya werd geïdentificeerd — het voer onder de vlag van Botswana en zou naar het eiland Kharg onderweg zijn geweest. CENTCOM zegt dat de bemanning waarschuwingen negeerde en dat een Amerikaans toestel uiteindelijk het vaartuig uitschakelde met een Hellfire-raket om te voorkomen dat de tanker Iran bereikte. Sinds 13 april blokkeren Amerikaanse eenheden Iraanse havens; volgens het leger werden zes commerciële schepen uitgeschakeld en 122 andere van koers gebracht.
De confrontaties vallen binnen een bredere reeks luchtaanvallen en tegenaanvallen die sinds eind februari plaatsvinden, nadat Amerikaanse en Israëlische operaties tegen Iran waren begonnen. Teheran stelt dat zijn acties vergeldingen zijn voor Amerikaanse interventies; de IRGC waarschuwt dat het verstoren van de veiligheid in de Straat van Hormuz de VS duur zal komen te staan. Tegelijk voeren Iran en de VS al weken onderhandelingen en stellen beide kanten geregeld dat zij dicht bij een akkoord zijn, maar tot op heden is er nog geen deal bereikt.