Iraanse ambassadeur ontboden na inbeslagname diplomatieke zending
In dit artikel:
De Iraanse ambassadeur is dinsdagmiddag op het ministerie van Buitenlandse Zaken ontboden om uitleg te geven over een Nederlandse diplomatieke zending die op 28 januari in Teheran door Iran in beslag zou zijn genomen. Het ministerie heeft formeel protest aangetekend en noemt het incident onaanvaardbaar; het is nog onduidelijk of de zending inmiddels is vrijgegeven.
Het ministerie stelde direct na het voorval hoog op te nemen en wilde de kwestie aanvankelijk achter de schermen regelen. Dat stilhouden werd doorbroken toen maandag beelden van de inbeslagname in Iraanse media werden vertoond; het ministerie betreurt dat publicatie van die beelden de terughoudendheid doorbrak.
Volgens Iran bevond zich verboden apparatuur voor satellietcommunicatie in de koffer van een Nederlandse diplomaat bij aankomst in Teheran. De diplomaat zou geweigerd hebben de koffer te laten scannen, waarna Iran het bagagestuk in beslag nam. De Nederlandse regering verwerpt die lezing en stelt dat Iran zich niet aan de gebruikelijke diplomatieke afspraken heeft gehouden.
Achtergrond: diplomatieke bagage en zendingen genieten volgens internationale verdragen normaliter onschendbaarheid; openbreken of in beslag nemen van dergelijke goederen is uitzonderlijk en raakt vertrouwensregels tussen staten. De Nederlandse verklaring en het formele protest duiden op serieuze zorgen over de impact op de bilaterale betrekkingen.