Inktzwarte hagedis duikt op in het Scharreveld bij Westerbork. 'Dit zie je anders nooit'
In dit artikel:
Ecoloog Edwin de Weerd (56) ontdekte begin mei op het Scharreveld bij Westerbork een uitzonderlijke levendbarende hagedis: vrijwel volledig zwart door melanisme. Het dier, dat zich in droog riet zat op te warmen, trok extra aandacht omdat de opeenhoping van pigment het veel donkerder maakt dan gewone exemplaren en daardoor juist opvallender voor roofdieren. Toen er voetstappen naderden, drukte het reptiel zich tegen de grond en bleef stijf van angst zitten totdat het gevaar voorbij was.
De Weerd, die voor Het Drentse Landschap inventarisaties uitvoert van beschermde soorten in het gebied, naderde voorzichtig met camera en telelens om het zeldzame individu vast te leggen. Hij had melanisme wel eens bij adders waargenomen, maar nooit bij de levendbarende hagedis. Zijn vondst vormt een bijzondere aanvulling op de monitoring van soorten als adder, gevlekte witsnuitlibel en kommavlinder in het terrein.
Het Scharreveld zelf kent een geschiedenis van herstel: tot in de twintigste eeuw bestond het landschap uit heide en natte stukken, waarna delen werden ontgonnen. Vanaf de jaren zestig kocht Het Drentse Landschap stukken terug en herstelde de natuur, waardoor het nu een waardevol leefgebied is voor zeldzame planten en dieren.
Voor wie de term levendbarend onbekend is: bij deze hagedissen (Zootoca vivipara) ontwikkelen de jongen zich in een ei maar binnen het moederlichaam en worden levend geboren — doorgaans vier tot acht jongen na een draagtijd van twee tot vier maanden. De soort staat op de Rode Lijst als ‘gevoelig’, wat het belang onderstreept van inventarisaties en beschermen van geschikte leefgebieden. Melanisme zelf kan ecologische gevolgen hebben — bijvoorbeeld invloed op thermoregulatie en predatierisico — maar bij deze waarneming valt vooral de zeldzaamheid en het documenteren van het fenomeen in Drenthe op.