Inez Weski slaat terug naar OM en vecht belastende uitspraken aan: "Zorgwekkende situatie"
In dit artikel:
Het Openbaar Ministerie baseert een deel van de zaak tegen advocate Inez Weski op uitspraken die zij zou hebben gedaan tijdens haar aanhouding; die zouden duiden op een erkenning van betrokkenheid. Via haar raadsman Geert‑Jan Knoops betwist Weski dit sterk. Zij zegt dat eventuele woorden toen werden gesproken terwijl ze lichamelijk en geestelijk uitgeput en in een “zeer stressvolle en medisch zorgwekkende situatie” verkeerde, en dat die context de verklaring onbetrouwbaar maakt.
Cruciaal is ook dat Weski het proces‑verbaal met die uitspraken niet eerder heeft kunnen inzien of ondertekenen; ze zag het document volgens haar pas terug tijdens een zitting. De verdediging gebruikt dat om de precisie en daarmee de bewijskracht van het OM in twijfel te trekken, omdat in strafzaken exacte timing en formulering doorslaggevend kunnen zijn.
De aanklacht staat in verband met Weski’s rol als advocaat van Ridouan Taghi: het OM verdenkt haar ervan berichten van hem naar buiten te hebben gebracht binnen een crimineel netwerk dat betrokken zou zijn bij drugshandel en witwassen. Weski ontkent die beschuldiging en beroept zich op haar geheimhoudingsplicht, wat haar mogelijkheden om publiek te reageren beperkt. Vanwege medische redenen volgde ze de zitting via video. In de volgende procesfase zal de rechtbank moeten bepalen hoeveel waarde zij toekent aan haar verklaring en aan het vastgelegde proces‑verbaal.