Inclusieve verkeerslichten in Genk onwettig volgens minister De Ridder, stad nuanceert: "Storm in een glas water"
In dit artikel:
Begin vorige maand plaatste de stad Genk in de stationsbuurt een zogenaamd inclusief voetgangerslicht waarin bij rood een rolstoelgebruiker en bij groen twee mannen hand in hand verschijnen. Parlementslid Chris Janssens (Vlaams Belang) diende daarop een schriftelijke vraag in bij minister van Mobiliteit De Ridder (N-VA). De minister antwoordde dat zulke lichten mogelijk in strijd zijn met de wegcode: verkeerslichten moeten uniform, voorspelbaar en onmiddellijk herkenbaar zijn en mogen volgens haar uitsluitend een onbeweeglijk silhouet van een voetganger tonen. Ze waarschuwt dat verkeerstekens niet voor andere doeleinden gebruikt mogen worden, omdat afwijkende beelden verwarring kunnen brengen—juist gevaarlijk voor kwetsbare weggebruikers.
Burgemeester Wim Dries (CD&V) nuanceert het probleem: hij wijst erop dat rolstoelgebruikers formeel ook als voetgangers gelden en dat het om één voetgangerslicht in de stationsbuurt gaat. Genk laat het licht voorlopig staan en noemt de ophef een “storm in een glas water”; de stad vindt het belangrijk om inclusiviteit zichtbaar te maken, vergelijkbaar met regenboogoversteekplaatsen. Janssens noemt de installatie symbolische politiek en roept op eerst homofobe agressie aan te pakken. Dries hoopt dat geplande nieuwe regelgeving rond silhouetten duidelijkheid zal brengen.