In Zeeland gevonden walviskaak is afkomstig uit gesloten Zoölogisch Museum in Amsterdam
In dit artikel:
Duiker Bas van der Sanden vond vorig jaar in de Oosterschelde, precies onder de Zeelandbrug, bijna drie meter aan botten: wat leek op linker- en rechterkaak plus een poot van een jonge vinvis. Omdat de stukken extreem wit en schoon waren en de vindplaats ongebruikelijk, zei Van der Sanden: “Dit klopt niet, dacht ik meteen al.”
Analyse en conservering brachten aan het licht dat de botten al eerder waren behandeld en dat bij DNA‑onderzoek geen gewone vinvis naar voren kwam maar de zeldzame omurawalvis (Balaenoptera omurai) — een soort die normaal in warmere, verre wateren voorkomt en dus niet thuishoort in de Noordzee.
Uiteindelijk bleek de herkomst niet natuurhistorisch mysterieus maar institutioneel: de resten kwamen uit de collectie van het Zoölogisch Museum Amsterdam, dat in 2011 sloot en zijn collecties overdroeg aan Naturalis. Sommige stukken waren achtergebleven en bestemd voor vernietiging; een medewerker had ze uit het museum gehaald. Die medewerker gebruikte de botten eerst als meubelstuk thuis en dumpte ze later op een plek waar ze sowieso gevonden zouden worden, zodat ze weer aan geldige papieren konden komen — een opzet die precies uitpakte zoals bedoeld.
Van der Sanden meldde de vondst aan Jaap van der Hiele van de Stichting Reddingsteam Zeezoogdieren; de botten werden tijdelijk opgeslagen op het voormalige werkeiland Neeltje Jans en geconserveerd met het doel ze voor educatie in te zetten. Tijdens een presentatie bij PiXLife Nature Xperience op de Brouwersdam werden de kaken recent getoond en krijgen ze een nieuw leven als educatief project — precies wat de vroegere eigenaar blijkbaar wilde.
Volgens Van der Sanden zijn er geen strafbare feiten vastgesteld: het handelen valt binnen de museumwereld onder ‘taakverzuim’ in plaats van diefstal. De namen van betrokkenen zijn bij hem bekend, maar openbaarmaking is aan henzelf. Extra context: de omurawalvis is een relatief recent beschreven en zeldzame rorqual die vooral in tropische en subtropische wateren leeft, waardoor het voorkomen van zulke botten in Zeeuws water direct argwaan moest wekken.