In zaak tegen oud-advocaat Weski gaat het weer niet over de beschuldigingen tegen haar
In dit artikel:
Oud-advocaat Inez Weski was maandag voor het eerst zelf aanwezig bij een pro-formazitting in haar strafzaak in Rotterdam. De zitting ging opnieuw niet over de kernbeschuldigingen — dat zij in april 2023 zou hebben deelgenomen aan de criminele organisatie rond Ridouan Taghi en berichten tussen hem en de buitenwereld zou hebben doorgegeven toen hij vastzat in de EBI in Vught — maar over de omstandigheden van haar voorlopige hechtenis.
Weski zegt te zijn vastgehouden op een geheime locatie op het voormalige militaire Kamp van Zeist en beschreef haar detentie als traumatisch; ze noemde het een fundamentele schending van de rechtsstaat. Tijdens verhoren beriep ze zich herhaaldelijk op haar geheimhoudingsplicht en heeft ze de inhoudelijke verdenkingen niet inhoudelijk beantwoord. In 2024 publiceerde ze een boek over haar ervaringen, waarin ze vooral inging op haar detentie.
Haar verdediging, onder leiding van Geert Jan Knoops en Carry Knoops, stelt dat uit een Woo-verzoek door het Algemeen Dagblad blijkt dat justitie actief heeft gestuurd op haar detentieregime — iets wat volgens hen volgens internationaal recht niet mag en waarmee het Openbaar Ministerie zijn recht op vervolging zou hebben verspeeld. Het OM bestrijdt dat: er zijn enkele procedurele fouten rond acht dagen detentie (zoals ontbreken van schriftelijke huisregels en toezichtcommissie), maar die fouten maken de vervolging niet nietig. De officier van justitie suggereerde dat de discussie tijdsrekken beoogt.
De rechtbank beslist dinsdag 10 maart of de vrijgegeven Woo-stukken aan het strafdossier mogen worden toegevoegd.