In Senegal verdwijnen de bomen
In dit artikel:
In Kédougou, een stadje in het oosten van Senegal, zitten bewoners steeds vaker te puffen van de hitte: een ochtend in april liep het al op naar 39°C en later die week werd zelfs 46°C verwacht. De tachtiger Bocar Diallo zoekt verkoeling in de schaduw van een mangoboom en zegt dat het steeds vroeger en heter wordt. Het binnenland van Senegal profiteert niet van de koelende Atlantische bries van de kust, en de Sahel als geheel warmt sneller op dan bijna ergens anders ter wereld. Klimaatmodellen voorspellen voor de regio een gemiddelde temperatuurstijging van 2 tot mogelijk 4,3°C tegen 2080.
Die opwarming werkt samen met lokale ontbossing, vooral als gevolg van kleinschalige goudwinning rond Kédougou. Het kappen van bomen haalt schaduw weg, maakt bodems arm en vergroot erosie van rivierbeddingen, met directe gevolgen voor water- en leefomstandigheden. In 2024 leidde een combinatie van hitte en extreme neerslag tot zware overstromingen in zuidelijk Mali en oostelijk Senegal; met een verwachte Super El Niño liggen soortgelijke schokken ook dit jaar op de loer.
Herbebossing, onder meer via de Great Green Wall van de Afrikaanse Unie (doel 2030), moet herstel brengen, maar de projecten boeken weinig vooruitgang door geldgebrek. Senegal kampt met een zware economische crisis en westerse donorlanden snijden in ontwikkelingsbudgetten, waardoor financiering voor klimaat- en bosherstel nog verder afneemt.