In Nederland kan het nog: vechten voor onze vrijheid
In dit artikel:
In 1989 trokken honderdduizenden Chinezen maandenlang de straat op, met een concentratie op het Tiananmenplein in Beijing, om te vragen om economische en democratische hervormingen, vrije meningsuiting en strijd tegen corruptie. Op 4 juni werden die protesten bruut neergeslagen: tanks reden het plein op, honderden demonstranten kwamen om het leven en duizenden werden opgesloten — een gebeurtenis die het openlijk verzet in China verstikte en tot op de dag van vandaag door het regime wordt verzwegen.
Het bloedbad illustreert hoe hardnekkig en gevaarlijk verzet tegen een volledig gemilitariseerde en repressieve staat is: zodra het staatsapparaat geen scrupules kent om tegen eigen burgers geweld te gebruiken, wordt tegenstand vrijwel onmogelijk en slaat angst alle publieke oppositie neer. Dictaturen zijn het meest kwetsbaar in een overgangsfase, wanneer democratische instituties nog niet helemaal ondermijnd zijn; als die fase voorbij is, wordt verandering veel minder haalbaar.
De tekst waarschuwt dat vergelijkbare patronen zichtbaar zijn in landen als Rusland en Iran, en dat ook in westerse landen de ruimte voor democratisch burgerschap kan krimpen. De auteur noemt de Verenigde Staten en Nederland expliciet: de VS staan nog niet volledig verloren, maar institutionele erosie onder leiderschap zoals dat van Trump maakt de kans op behoud van vrijheden kleiner. In Nederland ziet men groeiende extremistische activiteit: intimidatie van journalisten, het het zwijgen leggen van wetenschappers, bedreigingen van lokale politici, verstoringen van inspraakavonden over asielcentra en zorg over extreemrechtse elementen in het leger (volgens de MIVD).
Toch klinkt er hoop: het land heeft nog mogelijkheden om regels en rechtsmiddelen te hanteren — van bescherming van wetenschappers en vervolging van neonazi’s tot strengere regulering van sociale media en het verbieden van extreemautocratische partijen. Jurriën Hamer pleit in zijn boek Wat vrijheid van je vraagt voor een liberalisme met plichtsbesef; “Het leven gaat niet alleen over het vinden van jouw geluk, het gaat ook over andere mensen,” zegt hij, waarmee hij oproept tot collectief engagement om vrijheden te behouden.