In 'Mijn zwager in Dubai' maakt P.F. Thomése zijn personage medeplichtig aan zijn eigen overbodigheid
In dit artikel:
In zijn twaalfde roman, *Mijn zwager in Dubai*, voert P.F. Thomése de aan lager wal geraakte schrijver Tom Franzese op als zijn alter ego. Toms inkomsten kunnen zijn literaire ambities niet meer dragen en nadat zijn vrouw hem heeft verlaten, biedt zijn rijke ex-zwager Bobby Tadema hulp aan. Die hulp blijkt een sponsordeal: Tom moet in Dubai een geautoriseerde biografie over Bobby schrijven.
Dubai wordt voorgesteld als het centrum van het hyperkapitalisme, vol opzichtig goud, marmer, zelfrijdende auto’s en extravagante restaurants. Thomése gebruikt deze omgeving voor een lichtvoetige, grove satire op de wereld van geld en succes. Anders dan in sommige eerdere satires staat tegenover de vulgariteit nadrukkelijk een verdediging van literatuur. Via Tom reflecteert de roman op schrijven als vorm van vrijheid, liefde voor taal en poging om een eigen werkelijkheid te behouden tegenover commerciële en normerende krachten.
De roman maakt die verdediging echter niet eenvoudig of moralistisch. Tom noemt zichzelf een romanticus en heeft geregeld gewetensbezwaren, maar kiest uiteindelijk uit opportunisme voor het geld. Voor 50.000 euro exclusief btw doet hij afstand van zijn auteursrecht. Wanneer zijn naam vervolgens wordt gebruikt op een door AI gegenereerd manuscript, besluit hij het toch te lezen om er mogelijk materiaal voor zijn eigen boek uit te halen.
Daarmee maakt Thomése Tom medeplichtig aan de ondergang die hij zelf bekritiseert. De literatuur wordt uit gemakzucht overgeleverd aan kunstmatige ‘concurrenten’ en rijke opdrachtgevers die weinig waarde aan haar inhoud hechten. De roman waarschuwt zo dat kunstenaarschap zich moeilijk met grootkapitaal laat verenigen, maar ook dat wie zijn eigen ziel verkoopt niet door een ander kan worden gered.
Vandaag Inside: René van der Gijp reageert op boycot Marc-Marie Huijbregts na Vandaag Inside-vraag: 'Waanzinnig!'