In Jakarta mag bedelen als traditionele reus straks niet meer: 'Wij hebben geen inkomen meer'

woensdag, 25 februari 2026 (10:31) - Het Parool

In dit artikel:

Op Jalan Sabang in het hart van Jakarta bedelen mannen in reusachtige ondel-ondelkostuums om wat geld. Twee van hen, Opick Suryana en buurman Ahmad Arfon, trekken op zondagen door de stad in die papieren‑machépoppen; op een goede dag verdienen ze rond 150.000 roepia (ongeveer 7,50 euro), meestal echter zo’n 5 euro, waar nog huurgeld voor het pak van afgaat. Sinds de coronacrisis – toen veel Betawi, waaronder Opick en Ahmad, hun baan verloren – is het optreden als ondel-ondel een broodwinning geworden.

De gouverneur van Jakarta wil dat bedelende ondel-ondel verboden worden en stelt dat ze de cultuur van de oorspronkelijke Betawi‑bevolking aantasten. Alleen bij officiële ceremonies en culturele evenementen zouden zulke reuzenfiguren nog toegestaan moeten zijn. De maatregel volgt een initiatief van de raad van de Betawi, die de culturele identiteit van de stad bewaakt en zich stoort aan het massale bedelen dat volgens hen een negatief beeld geeft van Jakarta. Eerder werden ook straatmuzikanten al officieel verboden, maar die blijven desondanks optreden.

Ondel-ondel zijn geen nieuw verschijnsel: deze carnavaleske reuzen bestaan al eeuwen en duiken in beschrijvingen van Batavia uit de 17e eeuw op. Oorspronkelijk dienden ze om boze geesten te verjagen en bij epidemieën bescherming te bieden. In de jaren zeventig werden Betawi‑tradities heropgepakt als onderdeel van Jakarta’s zoektocht naar identiteit; gouverneur Ali Sadikin benoemde hun gebruiken tot cultureel erfgoed.

De voorgestelde ban zet arme uitvoerders voor een dilemma. Ahmad erkent dat bedelende ondel-ondel de traditie kan schaden, maar wijst erop dat alternatieven ontbreken: “Een verbod … betekent dat wij geen inkomen meer hebben. De overheid moet ons dan ander werk aanbieden,” zegt hij, zich realiserend dat dat onwaarschijnlijk is. Beide mannen geven aan liever door te gaan met optreden dan het criminele pad op te gaan, ook al begrijpen ze de culturele bezwaren van de Betawi‑raad. Het conflict toont de botsing tussen erfgoedbescherming en de dagelijkse armoede van stadsbewoners.