In het derde seizoen van 'Euphoria' gaat het qua potsierlijkheid van kwaad tot erger

woensdag, 27 mei 2026 (11:29) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

Euphoria is terug en Sam Levinsons derde seizoen schuift de serie verder weg van nuance en dichter naar een esthetiek van excessen. Waar eerdere seizoenen al de grens tussen tienerdrama en volwassenthriller opzochten — met thema’s als opioïdeverslaving, minderjarig sekswerk, afpersing en huiselijk geweld — doet seizoen drie dat alles nog luider, rauwer en karikaturaler. De serie speelt zich opnieuw in Los Angeles af, maar de personages zijn vijf jaar ouder: van spartelende tieners zijn ze uitgegroeid tot spartelende jongvolwassenen, die elk op een uiterste manier proberen te overleven of te excelleren in de diepe lagen van de stad of de bovenwereld van Hollywood.

Levinson trekt in dit seizoen alle registers open. De openingsscène — een surrealistische passage van Zendaya’s personage Rue over een grensmuur tussen Mexico en de Verenigde Staten — zet de toon: onvervalst melodramatisch, grotesk en soms bijna slapstickachtig. De spectaculair walgelijke beelden volgen elkaar op: van bolletjes die Rue en haar vriendin Faye doorslikken om drugs te smokkelen, tot misselijkmakende ontlastingsscènes en het gebruik van een vergiet als toilet én keukengerei. Die visuele overdaad voelt geregeld als een doel op zich: afstotend en verleidend tegelijk.

De verhaallijnen van de bijfiguren zijn even meedogenloos. Nate heeft het vastgoedimperium van zijn pedofiele vader overgenomen en raakt verwikkeld in schulden en gruwelijke afpersingspraktijken; lichaamsdelen worden zonder verdoving afgeknipt als betaling. Cassie zoekt alles uit haar relatie en huwelijksvoorstellingen te halen, rekent op extravagantie tot het financieel onhoudbare en ontkomt niet aan vernederende bijbaantjes op OnlyFans. Jules, die ooit als sympathieke in het oog springende rol aanwezig was, belandt als sugarbaby om een kunstcarrière te bekostigen. Zelfs grote gastrollen (zoals Rosalía als Magick) krijgen geen glamour mee: ze worden gereduceerd tot verslaafde paaldanseressen die verzekeringsfraude plegen en vernedering incasseren.

De kritiek van de recensent spitst zich toe op het ontbreken van grijstinten. Waar het eerdere contrast tussen schoonheid en wanhoop in Euphoria nog functioneerde als een complex spel van verleiding en afschuw, lijkt seizoen drie vooral te kiezen voor extremen zonder veel morele of psychologische subtiliteit. Levinsons fascinatie voor het geweldloze geweld tegen ‘perfecte poppengezichtjes’ — een beeldspraak die de recensie koppelt aan performancekunstenaars die werken met bloed en ontlasting — maakt veel scènes fetishistisch en sensationeel. De acteurs, inmiddels doorgebroken tot supersterren, worden hier systematisch vernederd; hun schoonheid wordt ingezet als contrastmiddel om de gruwel alleen maar scherper te laten uitkomen.

Toch sluipen er af en toe kleine onthullingen van menselijkheid door het spektakel heen. De ontstaansgeschiedenis van pooier Alamo bijvoorbeeld legt een herkenbare genealogie van emotionele schade bloot: een narcistische moeder die liefde als valuta gebruikt. Zulke momenten geven kortstondig emotionele textuur, maar zijn zelden genoeg om de algehele sensatie van exploitatie en spektakel te doorbreken. De recensent vergelijkt dat effect met het herkennen van een litteken in porno: het roept empathie op, onderbreekt de fantasie even, maar verandert de kernfixatie niet.

Concluderend: seizoen drie van Euphoria is consequent in zijn maximalisme — het is tegelijk verleidelijk, afstotelijk en soms lachwekkend — maar het prijskaartje is het weinige geloofwaardige menselijk midden. Wie de serie vanaf het begin volgde zal de ongeremde ambitie van Levinson herkennen; wie kritisch kijkt, ziet vooral een regisseur die bedoelingen van nuance en ingehouden tragedie heeft ingeruild voor een voortdurende parade van excessen die vragen oproept over de grens tussen representatie en exploitering.