In het bekroonde 'Paikar' reist filmmaker Dawood Hilmandi met zijn autoritaire vader naar Afghanistan en raakt verstrikt in een ijskoud doolhof van herinneringen en dromen

woensdag, 27 mei 2026 (13:02) - Het Parool

In dit artikel:

De prijswinnende documentaire Paikar volgt de Nederlands‑Afghaanse kunstenaar en filmmaker Dawood Hilmandi in zijn poging het autoritaire vaderschap te doorgronden en een familiegeschiedenis van oorlog en emotionele afstand af te rekenen. Centraal staat de gespannen verhouding tussen Hilmandi en zijn vader, bij wie strengheid, dichterlijke aforismen en religieuze afstand elkaar afwisselen.

De film opent met onverhulde beelden van buzkashi — de chaotische Afghaanse ruitersport — waarin vertraging en een onregelmatige geluidsmontage een vervreemdende sfeer scheppen: wat je ziet en hoort valt niet samen, een motief dat door de hele film terugkeert. Hilmandi gebruikt dergelijke audiovisuele scheeftrekkingen om herinnering en droom, daad en gevoelswereld naast elkaar te zetten.

‘Paikar’ betekent in het Perzisch oorlog of krijger; het is ook Hilmandi’s geboortenaam en staat symbool voor een erfenis die hem niet loslaat. Zijn vader, ooit kolonel bij de Afghaanse moedjahedien, vluchtte na de Sovjet‑oorlog naar Iran en heeft zijn kinderen voorbereid op voortdurende strijd: trainen, wapens, reservegedachte. Die opvoeding laat diepe sporen na.

Op dertienjarige leeftijd ontvluchtte Hilmandi het gezin en belandde hij in Europa. Na de dood van een broer door een overdosis — een breekpunt in zijn familie — zoekt hij contact met zijn vader en onderneemt hij een reis van Amsterdam via Iran terug naar Afghanistan. Het gesprek met zijn vader loopt vaak vast: in plaats van introspectie reageert deze met aforismen en verwijzingen naar goede bedoelingen, wat verantwoordelijkheidsvragen ontwijkt.

In plaats van een confronterende aanval kiest Hilmandi voor vertraging en ritueel: hij bestudeert familiefoto’s, herbeleeft jeugdscènes in droomachtige sequenties en spreekt in een fluisterende voice‑over. Hij onderwerpt zichzelf aan religieuze tests, bidt en gaat op bedevaart — stappen die de film niet alleen als persoonlijke therapie toont, maar ook als methodiek om dichter bij zijn vader te komen.

Paikar is essayistisch van vorm: herinneringen, visioenen en reisverslagen vormen een doolhof waar steeds dezelfde thema’s terugkeren — thuis, vader, vaderland — en waar trauma zich herhaalt en verstrengelt met het heden. De constante koude‑metaforen versterken het gevoel van ontbering en emotionele bevriezing.

Uiteindelijk leest de film als een ritueel van afscheid en gedeeltelijke verzoening: niet het laatste woord over schuld of reden, maar een intieme poging om het familielot te benoemen en ermee te leven. Paikar is daarmee zowel een persoonlijke afrekening met intergenerationeel trauma als een verfijnde cinematografische reflectie over geheugen, identiteit en het onontkoombare spoor van oorlog.

BEKIJK OOK:

De Oranjezomer: Rutger Castricum hoort wie volgende week aanschuift bij De Oranjezomer: 'Dan zit ik in het publiek!'